Amerika 2011 Oost

Inleiding                                                                                               (Voor de fotopagina van deze reis kunt u hier klikken.)

We zijn vreemd gegaan!! Tijdens onze tweede USA-vakantie van dit jaar zijn we niet naar ons favoriete Zuid-Westen gegaan, maar naar de Oostkust. Naar Washington DC, naar Boston, en naar de heuvels, de covered bridges en de kleine dorpjes van Vermont en New Hampshire. Totaal iets anders dus dan wat we gewend zijn. Ik hoefde niet het hele internet af te zoeken naar informatie over de begaanbaarheid van dirtroads of over de moeilijkheidsgraad van lange hikes. Dit zou een echte vakantie moeten worden in een veilig en eenvoudig begaanbaar gebied, lekker ontspannend dus. Op 23 augustus – ongeveer vijf weken voor onze vertrekdatum – werd Washington DC getroffen door een heuse aardbeving. En nog geen week later raasde tropische storm Irene over ons gebied heen, vooral de overstromingen die daarop volgden richtten heel veel schade aan. Hmmm, blijkbaar moesten we ons idee over ‘veilig en makkelijk’ toch maar eens wat aanpassen….

We hielden de weerberichten goed in de gaten. De nieuwe tropische stormen die werden aangekondigd bleken heel onschuldig over te waaien, dat viel dus mee. Wat ons wel opviel was dat de temperaturen zo hoog bleven, vooral rondom Washington DC. Kort voor vertrek heb ik dan ook gauw een dikke trui uit de al ingepakte koffer gehaald, en er een korte broek met poloshirt voor in de plaats gedaan. Dat leek me voor een voorspelling van 28° Celsius toch wel wat passender!


DAG 1 : MAANDAG 26 SEPTEMBER   :  SCHIPHOL – IWO JIMA MEMORIAL – ARLINGTON

Gereden:  35 mijl
Ik had vreselijk slecht geslapen, de nacht voor ons vertrek. ’t Was duidelijk niet zo’n goed idee geweest om te gaan slapen in het Etap Motel in Badhoevedorp, het bed was slecht en het kussen was helemaal een ramp: veel te klein en veel te slap. En dan wil je ’s ochtends nog even uitgebreid douchen, zodat je lekker fris en fruitig aan de lange vlucht kan gaan beginnen, blijkt er niet eens shampoo te zijn.

De shuttlebus richting Schiphol was dan wel weer handig, we stonden ruimschoots op tijd in de vertrekhal. Eerst de koffers inleveren, en daarna door de douane. Waar we in de rij achter Ben Saunders mochten aansluiten, blijkbaar ging hij ook een vliegreis maken. Even ontbijten, wat rondslenteren, en daarna was het tijd om naar de gate te gaan. De vrouw die onze gegevens controleerde vroeg of ik in Amerika woonde. Huh, dat was een onverwachte vraag. Dat stond in haar gegevens, zei ze, dat ik een American Resident was. Heel interessant natuurlijk, Hans wilde graag weten of ons huisadres er ook nog bij stond, dan konden we daar eens een kijkje gaan nemen. Helaas, adresgegevens kon ze ons niet geven en ze heeft mijn status potverdorie ook zomaar weer veranderd naar “inwoner van Nederland”. Ach, da’s ook niet verkeerd.

Heel even dachten we dat het KLM-toestel dat ons naar de USA zou brengen  “Machu Pichu” zou heten, die naam prijkte namelijk op de zijkant van het vliegtuig dat bij de gate stond. Maar al snel taxiede dat toestel weg, en kregen we er de “Potsdamer Platz Berlin” voor terug. Jammer, we vonden de naam Machu Pichu veel leuker. En ook dachten we heel even dat onze Rob met ons mee naar Washington wilde vliegen, een jongeman die aan de andere kant van de vertrekhal stond leek (gedurende ’n halve seconde) toch wel heel veel op hem. Hey Rob, je hebt ’n dubbelganger!

De vliegreis verliep vlekkeloos, en precies op de geplande tijd landden we op Washington Dulles International Airport. We stapten in een vreemd gevormde shuttlebus, met twee rare uitstulpingen er boven op, en werden naar de hal gebracht waar we mochten aanschuiven in de rij voor de Immigration Officer. Het was er behoorlijk druk, maar het schoot gelukkig wel lekker op, we hoefden dan ook niet al te lang te wachten. Bij de Immigration Officer was ik als eerste aan de beurt, ik mocht op de foto en natuurlijk wilde de beste man ook graag een afdruk van mijn vingertoppen. De gewone vragen, wat we kwamen doen en hoe lang we zouden blijven, werden aan mij gesteld. De laatste vraag was: “And who’s that guy?”, waarbij hij met z’n hoofd in Hans z’n richting knikte. “That’s my husband”, verklaarde ik. Waarop de Immigration Officer tegen Hans zei: “Okay, she claimed you, you can go with her!”

Marine Corps War Memorial

Marine Corps War Memorial

Na opnieuw een korte shuttlebusrit kwamen we aan op het terrein van Alamo, waar we onze huurauto op gingen halen. We kozen een Hyundai Santa Fe, ik was al bezig om onze spullen er in te leggen toen Hans werd aangesproken door een man die net aan was komen rijden met een grote Chevrolet Traverse LT. Of wij een gratis upgrade wilden, zo vroeg hij. Hans vond dat meteen prima, en even later reden we dus met onze wel heel ruime bolide de openbare weg op. Bedankt, Kyle van Alamo, we weten niet waaraan we deze spontane upgrade te danken hadden, maar we hebben tijdens onze vakantie wel heel comfortabel kunnen rijden!

Rondom Washington DC komen vaak files voor, we waren er dan ook op voorbereid dat het ritje naar ons motel – 24 mijl in totaal – flink wat tijd zou gaan kosten. We kwamen inderdaad in een file terecht, maar het was zeker niet zo dat het verkeer echt vast stond. Soms een stukje langzaam rijden, dan weer een stukje wat sneller, al met al viel het best wel mee. We hadden wel veel minder een “We’re back in the USA”-gevoel dan tijdens onze andere reizen, het landschap en de stad Arlington stralen voor ons veel minder Amerika uit dan bijvoorbeeld Phoenix of San Francisco.

We hadden drie overnachtingen geboekt in de Days Inn aan Columbia Pike in Arlington. Voor deze omgeving is dat – met een prijs van 102 dollar per nacht – zeker geen duur motel, en dat was er ook zeker wel aan af te zien. Geen mooie buurt, beetje afgeleefde motelkamer. Maar wel schoon, en met een goed bed en – o zo belangrijk – een fatsoenlijk kussen. Goed genoeg voor ons, dus. Nadat we onze koffers naar binnen hadden gebracht zijn we eerst even wat gaan eten bij de direct tegenover het motel gelegen Subway, daarna zijn we weer in de auto gestapt en zijn we naar onze eerste bestemming van deze reis gereden: het Marine Corps War Memorial, beter bekend als het Iwo Jima Memorial.

Op 23 februari 1945 is door ene Joe Rosenthal een foto gemaakt van vijf Amerikaanse mariniers en een marine-hospik die samen de Amerikaanse vlag plaatsen op het hoogste punt van het Japanse eiland Iwo Jima. Dat specifieke moment heeft model gestaan bij de vervaardiging van het herdenkingsmonument, op een granieten basis staat een bijna 10 meter hoog bronzen beeld van zes mannen in ongeveer dezelfde houding die ook op de foto te zien is. We dachten dat we nog net op tijd aan zouden komen om er bij daglicht wat foto’s van te kunnen maken. Maar helaas…… het was al net te donker en dat betekende dus dat ik mijn fototoestel in de tas kon laten zitten. We hebben immers maar één statief bij ons, en dus moest Hans het fotowerk in zijn eentje voor z’n rekening nemen. Terwijl hij het monument vanuit alle hoeken op de foto zette, heb ik het eens rustig staan te bewonderen. Het was groter dan ik vooraf had verwacht, en echt indrukwekkend om het nu met eigen ogen te kunnen zien.

TomTom wees ons weer netjes de weg naar ons motel, waar we nog even een Iwo Jima foto uit moesten zoeken om ons eerste liveverslag van deze reis wat op te fleuren. En daarna was ik toch wel heel blij dat ik na de slechte nacht in het Etap Motel en de dag die 6 uur langer had geduurd dan normaal, eindelijk lekker kon gaan slapen.


DAG 2 : DINSDAG 27 SEPTEMBER  :  WASHINGTON DC

Gereden:  16 mijl

Washington Monument

Washington Monument

Altijd als we ’s ochtends wakker worden gaat meteen de laptop aan. Even kijken of er email is, en of er berichten in het gastenboek staan. Maar op deze eerste ochtend kregen we nog iets veel mooiers te zien: kleindochter Oona en dochter Melanie zaten – via de webcam – naar ons te zwaaien. Oona vond ’t echt heel apart hoor, dat opa en oma zomaar in het computerscherm zaten en tegen haar praatten. Nu is die kleine meid heel vrijgevig. Als ze iets vast heeft, maakt niet uit wat – een popje, een bal, een boekje – dan steekt ze altijd haar handjes uit om al dat moois aan iemand anders te geven. Deze keer had ze mama’s mobiele telefoon vast, en die werd dus aangereikt aan computer-opa en computer-oma. Ze legde de telefoon op het toetsenbord, en wat keek ze ongelooflijk verrast toen opa meteen daarna een mobiele telefoon in zijn hand liet zien en “Dank je wel, Oona” zei. Datzelfde ritueel herhaalde zich met het blauwe lappenpopje van Oona, nu hadden opa en oma zomaar ineens een poetslapje (dat gelukkig vrijwel dezelfde kleur heeft als ‘pop’) in hun handen. Prachtig om dat blije gezichtje in het computerscherm te zien!

 

Zo, mooier had onze dag niet kunnen beginnen. Dat kon helaas niet gezegd worden van het weer, want toen we even later naar Washington DC reden, werd onze autoruit nat van ‘n vieze druilerige miezerregen. Thuis hadden we een website gevonden waarop alle parkeergarages van de stad vermeld stonden, en gewapend met een plattegrond en met behulp van onze TomTom reden we naar de garage toe die ons qua locatie het meest gunstig leek, de Ronald Reagan Building Parking. Voordat we daar naar binnen mochten moesten we zowaar onze paspoorten laten zien, een security check bij een parkeergarage was echt weer een nieuwe ervaring voor ons.

World War II Memorial

World War II Memorial

Omdat het regende, deden we allebei een dun regenjack aan. Maar op het moment dat we buiten kwamen plakten de mouwen meteen aan onze armen vast van het zweet…. het was hartstikke benauwd. De regen was trouwens vrijwel helemaal opgehouden, we besloten dan ook om nog even naar de auto terug te lopen en onze jassen daarin achter te laten; als het later die dag opnieuw zou gaan regenen moesten we maar even een schuilplek zoeken. Als eerste liepen we naar het Washington Monument, de hoge toren van waaruit we – zo was eigenlijk onze planning – een weidse blik over de stad hadden willen werpen. Maar de aardbeving van 23 augustus had die plannen doorkruist, de toren was beschadigd en voorlopig niet toegankelijk voor het publiek. Echt heel erg rouwig waren we er niet om hoor, met deze grauwe regenachtige lucht zou het waarschijnlijk toch niet echt mooi zijn geweest om naar boven te gaan. Terwijl we richting het Washington Monument liepen, zagen we een lange rij televisiewagens staan, met grote satellietschotels erop; CNN, CBS, ABC Network, alle grote namen waren vertegenwoordigd. Het was al snel duidelijk dat het Washington Monument het doel van alle belangstelling was. Een ranger van de National Park Service legde ons uit dat er vandaag enkele mannen van helemaal boven uit de toren langs de wanden zouden afdalen, zij zouden gaan inspecteren of er ook schade aan de buitenzijde was ontstaan. Hoe laat deze blijkbaar toch wel erg unieke gebeurtenis zou plaatsvinden kon hij ons niet vertellen, dat was afhankelijk van het weer.

We hadden geen zin om daarop te wachten, we besloten dan ook om gewoon verder te lopen. Als eerste bereikten we het National World War II Memorial. Daar staan 56 pilaren rondom een plein met een fontein, het was wel ontzettend jammer dat de grijze lucht het vrijwel onmogelijk maakte om hiervan een mooie foto te maken. We zijn dan ook op zoek gegaan naar details, zodat we geen foto-verpestende lucht op de achtergrond zouden krijgen. Vooral de 4.048 sterren – die elk 100 Amerikaanse World War II-slachtoffers vertegenwoordigen – bleken een fotogeniek plaatje op te leveren.

We liepen verder langs een enorme bouwput waar eigenlijk de Reflecting Pool hoorde te liggen. We zagen dat het nog een hele tijd zou duren voor de renovatie-werkzaamheden voltooid zouden zijn. Aan het einde van de bouwput lag een van de bekendste monumenten, het Lincoln Memorial. Gigantisch groot is het, met z’n 36 massieve pilaren die elk 10 meter hoog zijn. En daarbinnen zit dan een marmeren Abraham Lincoln op z’n marmeren zetel…. het is wel te zien dat de Amerikanen echt van groot, groter, grootst houden……

Vietnam Veterans Memorial

Vietnam Veterans Memorial

Vietnam Veterans Memorial

Vietnam Veterans Memorial

Vietnam Womans Memorial

Vietnam Womans Memorial

Het monument waarvoor ik het meeste belangstelling had, dat was het Vietnam Veterans Memorial. Ik had het al zo vaak gezien op tv, en altijd vond ik de beelden ervan heel indrukwekkend. En nu stonden we dan zelf bij die 75 meter lange granieten muur, met daarin de namen gegraveerd van 58.000 Amerikaanse soldaten die tijdens de oorlog in Vietnam waren gesneuveld. Er liepen veel toeristen langs de muur, en op sommige plekken zagen we ook mensen die blijkbaar heel bewust naar een specifieke naam op zoek waren. Zoals een soldaat, die de hulp van een Parkranger had ingeroepen. De Parkranger had een trap, een stuk papier en een speciaal potlood bij zich; hij hield het papier tegen één van de hoger op de muur staande namen en ging daar met het potlood overheen, zodat de afdruk van die naam op het papier zichtbaar werd. Dat papier gaf hij daarna aan de soldaat; zou de gesneuvelde man familie van hem zijn geweest? Behalve de muur hebben we natuurlijk ook de twee beelden die bij het monument horen bekeken: de Three Soldiers Statue en The Vietnam Women’s Memorial. Dit laatste beeld is speciaal gemaakt ter herdenking aan de vrouwen die tijdens de Vietnamoorlog zijn gesneuveld, dat waren vooral verpleegsters.

Korean War Veterans Memorial

Korean War Veterans Memorial

Thomas Jefferson Memorial

Thomas Jefferson Memorial

Toen we bij het Vietnam Veterans Memorial waren regende het weer een beetje, gelukkig duurde dat niet al te lang. En tegen de tijd dat we het volgende monument bereikten – het Korean War Veterans Memorial – was het alweer droog. Ik moest nu nodig een flinke pauze houden, ik ben daar even op een bankje gaan zitten terwijl Hans onvermoeibaar verder ging met fotograferen. Want ook dit monument was echt heel erg de moeite waard, het stelt een groep van 19 soldaten voor die samen op patrouille zijn. Op de daarnaast gelegen muur zijn afbeeldingen gezandstraald, voor die afbeeldingen zijn foto’s gebruikt van mensen die bij de oorlog in Korea betrokken zijn geweest.

Lincoln Memorial

Lincoln Memorial

Het gloednieuwe Martin Luther King Memorial maakte minder indruk op me. Ik denk dat dat komt door de houding van het beeld, zo met z’n armen over elkaar, en de strenge gezichtsuitdrukking. Geen idee hoe de man daadwerkelijk was, maar door dit beeld kwam hij bij mij over als een afstandelijk iemand. Op de foto deed hij het helaas ook niet al te best, het grauwwitte gesteente met een grauwgrijze lucht op de achtergrond was geen goede combinatie. We zijn maar gauw weer verder gelopen, want ook het Franklin Delano Roosevelt Memorial wilden we niet missen. Dat monument bestaat uit diverse kleine beelden, waterpartijen en plaquettes, ik vond dit een van de meest sfeervolle plekken.

Omdat we er nu toch in de buurt waren, zijn we ook maar even langs het vrij onbekende George Mason Memorial gewandeld. Die moeite hadden we ons zelf kunnen besparen, want dit monument was ronduit saai. De omgeving – met planten en een fontein – werd duidelijk veel minder goed onderhouden dan die van de andere monumenten, volgens mij komt hier vrijwel nooit iemand. Ook wij waren er al heel snel weer weg, Thomas Jefferson wachtte op ons. Die goeie man heeft al net zo’n bombastisch bouwwerk gekregen als Abraham Lincoln: de pilaren vormden samen een heel mooi plaatje maar het beeld van deze president vonden we heel wat minder fotogeniek dan dat van zijn collega Lincoln.

We liepen nu weer richting ons beginpunt van deze dag: het Washington Monument. Het was benauwd, we hadden honger en mijn voeten deden zeer……. Het leek ons een goed idee om naar een van de musea te gaan, dat zou immers drie vliegen in één klap betekenen: airconditioning, eten en stoelen…. Het eerste museum dat we tegenkwamen was ook meteen het museum dat ons het meest interessant leek, namelijk het Holocaust Museum. Niet echt de meest vrolijke plek om te gaan bezoeken als je op vakantie bent maar toch, ik wilde dit wel erg graag bezoeken. De airconditioning was heerlijk….. maar helaas vonden we geen restaurant en dus ook geen zitplaats hier. Heel veel tijd hebben we niet voor het museum uitgetrokken, maar wat we hebben gezien was wel erg indrukwekkend. Die lange hoge muren vol met foto’s van de Joodse mensen voordat de oorlog uitbrak, bijvoorbeeld. En zeker ook de treinwagon waar je als bezoeker doorheen moest lopen, akelig om die kleine ruimte zelf te voelen en te beleven. Een meisje van een jaar of vijftien was enorm aangedaan door alles wat zij hier zag, ze huilde voortdurend en zocht steeds steun bij haar vader. Het verdriet van dat meisje deed me eigenlijk nog meer dan al die foto’s van de concentratiekampen.

Toen we weer buiten waren zagen we dat de mannen bij het Washington Monument inmiddels aan de buitenzijde waren verschenen. Mooi, zo konden wij deze unieke gebeurtenis ook vereeuwigen. We moesten nu wel even beslissen wat we verder gingen doen, mijn voeten stemden voor de optie ‘helemaal niets meer’. Wat op zich wel jammer was, want we hadden hier eigenlijk ook in het donker nog foto’s willen maken. Maar we beseften dat dat er echt niet meer in zat, het was beter om de auto op te gaan halen en naar ons motel terug te rijden. Uiteindelijk werd er nog één laatste plekje aan onze route toegevoegd, je kan natuurlijk niet naar Washington DC gaan zonder het Witte Huis te zien.

Natuurlijk was het heel druk, daar op die bekende plek. Heel veel toeristen, en ook de nodige beveiligingsmensen ontbraken niet. Echt lang zijn we niet bij het Witte Huis gebleven, gewoon even wat nieuwsgierig door het hek heenkijken, een paar foto’s maken (veel variatie is daar immers niet mogelijk), en toen hadden we het wel gezien. Op naar de auto, de dag was lang genoeg geweest.

Lincoln Memorial

Lincoln Memorial

Martin Luther King Memorial

Martin Luther King Memorial

Franklin Delani Roosevelt Memorial

Franklin Delani Roosevelt Memorial

 


DAG 3 : WOENSDAG 28 SEPTEMBER : WASHINGTON DC – ARLINGTON CEMETERY

Gereden:  20 mijl
Ook voor deze ochtend hadden we al vooraf op internet een parkeergarage uitgezocht, dicht bij het Capitool deze keer. De verkeersdrukte viel best mee, en TomTom wist de weg naar de garage prima te vinden. We waren dan ook blij dat we – tegen de adviezen in – ervoor hadden gekozen om met de auto de stad in te gaan. Dit bevalt ons veel beter dan de metro.

Capitol Rotunda

Capitol Rotunda (Capital Washington DC)

Op het moment dat we vanuit de parkeergarage naar buiten liepen, waren we even helemaal gedesoriënteerd. Dat krijg je van dat ondergrondse gekringel, als je daarna weer boven bent weet je echt niet meer of je aan de voorkant, de achterkant, links of rechts het gebouw uitloopt. Op straat zagen we ook niet direct een naambordje of iets dergelijks, we hadden dus geen idee welke kant we op moesten lopen. Geen probleem, dan vragen we dat toch gewoon even aan een voorbijganger: “Excuse me sir, can you tell us where we can find The Capitol?” Blijkbaar kwam onze vraag niet helemaal goed over, de man keek ons niet-begrijpend aan en gaf geen antwoord! Dus vroegen we het nog maar in keer, in ons allerbeste Engels: “We want to visit The Capitol, can you please tell us in which direction that is?” De man keek ons nog één keer een beetje ongelovig aan, en wees toen naar het levensgrote gebouw recht voor ons….. ja hoor…… het Capitool! Nu moet ik er wél even bij zeggen dat er een heel stel grote bomen tussen ons en het Capitool in stonden, er was maar een heel klein stukje van het koepeldak tussen de bladeren door zichtbaar. Maar toch, we snapten nu wel waarom die man ons zo vreemd had aangekek

Capital Rotunda Detail

Capital Rotunda Detail

Capitol Washington DC

Capitol Washington DC

Library of Congress Hall

Library of Congress Hall

Net zoals gisterenochtend miezerregende het……. niet echt lekker dus om lang buiten rond te lopen. Vandaar dat we meteen maar naar de bezoekersruimte van het Capitool zijn gegaan om ons aan te melden voor een rondleiding. Het was er op dit vroege tijdstip niet echt druk, we konden dan ook gelijk aansluiten. Allereerst mochten we een film over de geschiedenis van het Capitool bekijken, die bleek zowaar nog best interessant te zijn ook. Leuk om zo in een klein kwartiertje te zien waarom het is gebouwd, en wat voor belangrijke besluiten er hier zoal zijn genomen. Na de film werden we opgewacht door onze gids Heather, die aan ons en aan de andere mensen in de groep koptelefoontjes uitreikte. Even dacht ik dat we een bandje met een vooraf ingesproken tekst te horen zouden krijgen, maar dat was niet zo. Er liepen meerdere rondleidingsgroepen tegelijk rond, en elke gids kon zich via die koptelefoons heel eenvoudig verstaanbaar maken bij de mensen van haar of zijn eigen groep. Handig!

Onze rondleiding begon bij de voordeur van het Capitool. Niet de huidige voordeur, maar de oorspronkelijke voordeur – klein en totaal onopvallend -, die door alle uitbreidingen nu ergens midden in het gebouw ligt in plaats van aan de buitenkant. Daarna liepen we door The Crypt of the Capitol, een grote ronde ruimte met 40 lichtbruin getinte zuilen die aan de bovenzijde door bogen met elkaar zijn verbonden. Het plafond van The Crypt ondersteunt de belangrijkste ruimte die we mochten bezichtigen: the Rotunda.  Een enorme ronde hal recht onder de imposante koepel die het Capitool kenmerkt. Zo, dit was indrukwekkend zeg. Al die details, we keken onze ogen uit…. standbeelden, schilderijen, prachtig bewerkte panelen, en dan vooral natuurlijk die enorme koepel boven ons hoofd. Gelukkig kregen we ruimschoots de tijd om rond te kijken en te fotograferen.

The Crypt of the Capitol

The Crypt of the Capitol

Library of Congress

Library of Congress

De derde ruimte waar we een kijkje mochten gaan nemen heette The National Statuary Hall.  Alweer een hele grote ruimte, net wat minder imposant dan The Rotunda maar toch ook heel mooi om te zien. Er stonden hier ruim 100 beelden van min of meer bekende Amerikanen, voor ons vooral ‘minder bekende Amerikanen’ want bij de meeste beelden had ik echt geen idee wie het voor moest stellen. Gids Heather had er echter meer verstand van, zij wist moeiteloos elke vraag die zij kreeg te beantwoorden. Ze wilde ons ook graag laten kennismaken met een uniek fenomeen: ze vroeg ons om onze koptelefoons af te doen, zelf liep ze een stuk van ons vandaan, zeven, acht meter misschien. En daar begon ze met een vrij zachte stem tegen ons te praten, tussen al het geroezemoes van de andere groepen door. En wat denk je, we konden haar perfect verstaan! Heather legde ons uit dat dit te maken had met de bijzondere akoestiek van deze zaal. Ik dacht meteen terug aan een aflevering van onze favoriete comedy-serie How I met your Mother, daarin gebeurde precies hetzelfde. Grappig om dit nu zelf ook te ervaren.

Na dit zeer geslaagde bezoek aan het Capitool wilden we ook graag The Library of Congress gaan bekijken, de nationale bibliotheek van Amerika. We hoefden er niet eens voor naar buiten, want er loopt een tunnel onder de weg waardoor we van het ene naar het andere gebouw konden lopen. Helaas hadden we ons niet op dit bezoek voorbereid, we wisten dan ook niet wat we hier binnen zoal mochten gaan bekijken. En dat leverde een teleurstelling op:  het bleek dat de schitterende leeszaal voor ons niet toegankelijk was. We mochten wel vanaf een balustrade, via een glazen scheidingswand, van bovenaf een blik in de zaal werpen. Fotograferen was niet toegestaan, zo stond er op een bordje. Maar ja…… als ons fototoestel zoveel pracht en praal voor zich ziet, dan gaat ie ineens zomaar een eigen leven leiden! Terwijl ik daar naast Hans naar de leeszaal stond te kijken, hoorde ik onverwacht dat hele bekende fotoklik-geluid….. Hans keek me heel onschuldig aan, hij wist van niks hoor……

Arlington Cemetery

Arlington Cemetery

Tumb of the Unknown Soldier

Tumb of the Unknown Soldier

In The Great Hall mochten we gelukkig wel fotograferen, al was dat zo – met weinig licht en zonder statief – niet echt makkelijk. We zagen dat het inmiddels niet meer regende, we besloten dan ook om terug te lopen naar het Capitool om daar nog wat buitenfoto’s te maken. Op het plein aan de achterzijde van het gebouw liep een beveiligingsman met een hond rond, dat beest heeft eerst Hans even besnuffeld, en daarna ook mij….. de hond vond dat wij wel okay waren en liep dus verder naar wat andere toeristen. Op gegeven moment kwamen er twee mannen en een vrouw met een kinderwagen aanlopen, ook zij ondergingen dezelfde snuffelinspectie. Maar hé, de hond rook nu blijkbaar wel iets verdachts….. hij week niet meer van hun zijde! Nee hoor, we waren hier geen getuige van de verijdeling van een terroristische aanslag, het was meteen duidelijk dat het hier om een oefening ging. Beveiliging blij, want de hond had goed werk geleverd. Hond blij, want die werd door zijn baas flink geprezen. En wij blij, want het was toch wel leuk om dit zo eens mee te maken. En even later waren we opnieuw blij, want de zon piepte net even een paar seconden door het wolkendek heen, waardoor we na een heel stel grauwgrijze foto’s nu ook een plaatje konden schieten van een mooi belicht Capitool. Missie geslaagd!

We haalden de auto weer op, en reden naar Arlington National Cemetery. Al tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog – die plaatsvond van 1861 tot 1865 – werden hier militairen begraven, en ook nu vinden er hier elke week nog meer dan 100 begrafenissen plaats. Arlington Cemetery is dan ook groot….. heel groot….. Eigenlijk klinkt het wel wat gek om een dergelijke plaats als ‘mooi’ te omschrijven maar toch…. die oneindig lange rijen met witte grafstenen zijn écht mooi om te zien. De grote bomen, de glooiende heuvels, het vormde een prachtig plaatje met elkaar. We zijn zomaar wat rond gaan dwalen, op zoek naar de meest fotogenieke plekjes. En die bleken soms ook ergens in ’t heel klein tussen alle graven in te liggen, zoals die boomstam die aan een kant om een grafsteen was heen gegroeid; het was de grafsteen van een naamloos kind, geboren en gestorven in het jaar 1959, zo konden we nog net lezen. Ook ons geboortejaar!

Tumb of the Unknown Soldier

Tumb of the Unknown Soldier

Arlington Cemetery

Arlington Cemetery

Bij het Graf van de Onbekende Soldaat vindt elk half uur de wisseling van de wacht plaats, volgens mij gaat iedereen die Arlington bezoekt dit bekijken en wij dus ook. Een onberispelijk geklede militair loopt gedurende een half uur eerst 21 stappen de ene kant op, hij wacht dan precies 21 seconden, en loopt vervolgens diezelfde 21 stappen weer terug. Dat getal, 21, verwijst naar the 21 gun salute, de hoogste eer die aan een militair gegeven kan worden. Na dat halve uur komt de vervanging, dit gaat gepaard met een aantal ceremoniële handelingen die tot in de perfectie worden uitgevoerd. Om eerlijk te zijn, het is niet helemaal mijn ding om zoiets te bekijken…… het is zo robotachtig, het lijken haast geen mensen meer. Maar ik weet dat de militairen zelf het als een grote eer beschouwen om dit te mogen doen, en met die gedachte in mijn achterhoofd kon ik het toch best wel waarderen om dit ritueel van dichtbij te ervaren.

Tussen alle gelijke witte stenen in vonden we soms ook hele andere grafstenen, pompeus vaak, en met namen van ‘dure’ militairen er op. We wisten dat ook John F. Kennedy hier op Arlington begraven is, en we verwachtten dat ook hij wel zo’n grootse, opvallende plek zou hebben gekregen. Maar nee hoor, President Kennedy, zijn vrouw Jackie Onassis en twee van hun kinderen liggen in een heel eenvoudig graf. Voor elk van hen een vlakke plaat in de grond met daarop hun naam, geboortejaar en overlijdensjaar. En daarbij een kleine circelvormige steen met een vlam….. Behalve de familie Kennedy liggen er nog veel meer bekende mensen op Arlington begraven, astronauten, ministers, wetenschappers, acteurs en actrices, en ga zo maar verder. En er zijn tal van herdenkingsmonumenten, voor de verongelukte bemanning van de Space Shuttle bijvoorbeeld, en voor de slachtoffers van de aanslag op het Pentagon. Maar dat hebben wij allemaal niet gezien…. Arlington Cemetery is zo ontzettend groot, het is echt onmogelijk om alles in één middag te bekijken.

We zijn nog even naar het Iwo Jima Memorial gereden, om daar wat foto’s bij daglicht te kunnen maken. Maar dat was toch echt ons laatste wapenfeit van deze dag….. we voelden het twee dagen lang rondslenteren behoorlijk in onze benen en voeten en het was dus tijd om terug te rijden naar ons motel. Voor onze laatste nacht hier in Arlington.

Arlington Cemetery

Arlington Cemetery

Arlington Cemetery

Arlington Cemetery

Arlington Cemetery

Arlington Cemetery

 


DAG 4 : DONDERDAG 29 SEPTEMBER : GREAT FALLS PARK – AMISH COUNTY

Gereden:  201 mijl
’t Was een half uur rijden ongeveer, van ons motel in Arlington naar Great Falls Park. Het laatste stukje van de route ging door een bosrijk buitengebied via de smalle Old Dominion Drive, en het viel ons op dat er hier zo ontzettend veel stinkend dure woningen stonden. Bij sommige woningen stonden er zelfs witte zuilen voor de voordeur! Okay, hier en daar stond ook een iets meer bescheiden huisje tussen al dat Goudkustgebeuren, we hebben samen maar even bepaald dat daar dan de tuinman wel zou wonen!

Great Falls

Great Falls


Eshleman's Mill Covered Bridge

Eshleman’s Mill Covered Bridge

Wij picknicken graag, tijdens onze vakanties. Dus nemen we altijd bestek mee van thuis:  lepels, vorken, messen. En vooral ook: het grote scherpe mes dat we gebruiken om het brood te snijden. In Great Falls Park ligt een ruime picknickplaats, en daar hebben we dat mes dus uit onze bagage opgediept en in gebruik genomen. We hebben er heerlijk zitten ontbijten, met ons verse French Bread, lekkere ham erbij, sla en een eitje….. dat smaakt toch veel beter dan zo’n saai motel-ontbijt! Na het eten hebben we het grote mes maar even in de piepschuim koelbox gedaan, daar zat toch geen ijs in, alleen maar koele blikjes cola en pakjes sinaasappelsap. Dit klinkt niet erg boeiend, maar toch…… dat mes komt later in ons reisverslag vast nog een keertje opduiken!!

In Great Falls Park kan je de Potomac River bekijken die op dit punt vrij smal is, daardoor wint de waterstroom hier flink aan snelheid. Via een reeks van stroomversnellingen valt het water in totaal ongeveer 6 meter omlaag, tussen de ruige rotsen door. We hoefden vanaf de picknickplaats maar een paar minuutjes te lopen, en toen bereikten we al het eerste uitkijkpunt. We stonden hier vlak bij de waterkant, het was dan ook heel goed te zien hoe enorm krachtig het water hier voorbij kwam denderen. Uitkijkpunt 2 en uitkijkpunt 3 waren ook heel dichtbij, tja….. en toen hadden we het voornaamste van het park eigenlijk al wel gezien.

We reden de staat Maryland in, onze derde staat van deze vakantie. Okay…. ik weet het….. Washington DC is geen staat maar we willen het toch echt wel meetellen in de door ons bezochte gebieden, we doen gewoon maar net even of het wél een staat is. Virginia 1, Washington DC 2, en Maryland nummer 3, dus. En een kleine 80 mijl verder mochten we ook staat nummer 4 op ons lijstje bijschrijven: Pennsylvania. In de stad Lancaster zijn we eerst op zoek gegaan naar een motel, en we kwamen uit bij de Country Inn. De kamer zag er prima uit, heel wat beter dan die van de Days Inn in Arlington waar we de afgelopen drie nachten hadden geslapen.

Voor deze middag hadden we “Amish kijken” op het programma staan. De Amish, dat zijn de leden van een protestantse geloofsgemeenschap die er hele strikte regels op na houdt. Zoals binnen elke geloofsgemeenschap zijn er daarin wel weer verschillende afscheidingen, vooral de zogenaamde Old Order Amish leven nog bijna precies hetzelfde als hun voorouders in de 19e eeuw. Ze dragen nog dezelfde soort kleding als toen, ze bewerken hun land met ouderwetse landbouwwerktuigen, en zaken zoals kranten, televisie, radio en internet zijn ten strengste verboden. De kinderen van de Old Order Amish leren wel rekenen, lezen en schrijven, maar vakken zoals geschiedenis en aardrijkskunde worden niet onderwezen.

Op het AllesAmerika-forum hadden we de tip gekregen om zomaar wat rond te gaan rijden via de kleine landweggetjes tussen de plaatsen Lancaster en Intercourse. En ja hoor, nog geen 10 seconden nadat we het eerste landweggetje opdraaiden kwamen we al een paard-met-wagen tegen, met daarin een man en een vrouw in de traditionele Amish-kledij. We vonden het schitterend, we zaten hier zomaar ineens in een heel andere wereld…… De step bleek ook een populair vervoersmiddel te zijn, we zagen op drie verschillende wegen evenzoveel jongemannen die al steppend van de ene naar de andere plek gingen, en nog met een behoorlijke snelheid ook! De Amish wonen niet in één groep bij elkaar, je vindt hun huizen tussen die van de ‘gewone’ mensen in. Maar die van de Amish waren wel makkelijk herkenbaar, aan de karretjes die voor de deur geparkeerd stonden, of aan de waslijnen die volhingen met Amish-kleding. Op gegeven moment kwamen we zomaar ineens onze eerste covered bridge tegen, leuk, dit was alvast een voorproefje voor straks, als we de staten Vermont en New Hampshire zouden gaan bezoeken. “Goh, nou zou er eigenlijk zo’n Amish karretje doorheen moeten rijden”, zeiden we tegen elkaar, “dat zou het plaatje helemaal compleet maken”. En ja hoor, we werden op onze wenken bediend:  nog geen minuut later reed er inderdaad een paard-met-wagen onder de brug door. Helaas hebben we er geen echt goede foto van kunnen maken, vandaar dat we onze covered bridge hier maar even heel modern met auto showen, in plaats van met paard-en-wagen.

Amisch at Work

Amisch at Work

Wat die foto’s betreft: de Amish willen dus eigenlijk niet dat je foto’s van hen maakt. De kinderen, de jongemannen op de step, de karretjes die we hebben zien rijden….. we hebben ze allemaal netjes voorbij laten gaan zonder ons fototoestel te pakken. Eén keer zagen we echter een zo schitterend plaatje, dat we het echt niet konden laten. Twee mannen (vader en zoon?) die samen op het land aan het werk waren, met hun ouderwetse landbouwwerktuigen die voortgetrokken werden door muilezels. Werkelijk prachtig! Vanuit de auto, met onze telelens, hebben we toch snel even een foto gemaakt. Zodat we toch een tastbare herinnering aan deze erg mooie middag hebben.


DAG 5 : VRIJDAG 30 SEPTEMBER : WATKINS GLEN STATE PARK

Gereden:  234 mijl
De weersvoorspellingen klonken niet al te gunstig, er werd nogal wat regen voorspeld voor de komende dagen. We hoopten dat ons bezoek aan Watkins Glen State Park niet in het water zou vallen, dat park was één van de voornaamste redenen geweest waarom we deze keer voor het noordoosten van de USA hadden gekozen. ’s Ochtends regen, ’s middags droog, zo was de verwachting. We besloten daarom om direct na het ontbijt richting Watkins Glen te rijden, als het een beetje mee zat zouden we al deze middag het park kunnen gaan bekijken.

We reden langs de mooie Susquehanna River naar het noorden toe. Het viel ons op dat het rivierwater op sommige plekken wel heel erg hoog stond, het scheelde haast niks of het liep zo over de weg heen! Waren dit misschien nog de naweeën van de overstromingen van een paar weken geleden? Voorbij de plaats Williamsport werd het landschap heel heuvelachtig. Mooi hoor, die dicht begroeide hellingen waar tussen het groen door al allerlei tinten geel, oranje en rood tevoorschijn kwamen. Nog niet heel uitbundig, maar ’t was al wel een heel mooi voorproefje van wat ons straks in Vermont en New Hampshire te wachten stond.

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Net na 11 uur reden we Pennsylvania uit en New York State in; staat nummer 5 van deze reis alweer! En alsof het aan de staatsgrens lag…… meteen hadden we volop donkere wolken om ons heen en begon het te regenen. Hé, dat hadden we niet afgesproken, we zouden toch juist naar het droge weer toe rijden, niet naar de regen! Gelukkig duurde de bui niet lang, tegen de tijd dat we de plaats Watkins Glen bereikten was het alweer droog. Eerst zijn we op motel-jacht gegaan, we vonden een plekje in de Glen Motor Inn. Met vanuit onze kamer uitzicht op Seneca Lake! En daarna was het  tijd voor Watkins Glen State Park, het park dat midden in het gelijknamige stadje ligt.

Vanaf de parkeerplaats zagen we de eerste van de 19 watervallen al liggen, direct onder de mooie Sentry Bridge. Hans zette meteen enthousiast het statief op z’n pootjes, fototoestel er op en maar draaien aan de knopjes om de goede instellingen te krijgen. Helaas stonden er net een stel mensen boven op de brug, op zich niet zo erg natuurlijk, alleen dit groepje wist toch het mooie plaatje een beetje minder mooi te maken. Ze stonden voorovergebogen over de rand, ze spreidden een kaart op de rand uit, ze bewogen steeds….. niet echt ideaal als je een foto met een lange sluitertijd wilt maken. “Dit gaat nog wel even duren”, verwachtte Hans, “loop maar vast door dan haal ik je straks wel weer in.” Dat vond ik een goed idee, ik klom door een donker tunneltje een klein stukje omhoog, liep snel de brug over (anders zou ik straks nog te horen krijgen dat ík de foto verpestte!), en ik ben direct voorbij de brug eens lekker uitgebreid gaan rondkijken. Glen Creek was hier heel smal, het water stroomde hard tussen de donkere rotswanden door. En ik zag ook de tweede waterval al, via een trap ging ik een klein stukje omlaag, zodat ik die waterval van dichterbij kon bekijken.

Wat bleef Hans lang weg, die Sentry Bridge moest ondertussen toch al lang en breed op de foto zijn gezet? Ik liep naar de brug om naar beneden te kijken of hij daar nog stond…., maar nee hoor, hij was nergens te zien. Het kon dus haast niet anders of hij was mij voorbij gelopen op het moment dat ik even via dat trapje naar beneden was gegaan……. en nu snapte hij er natuurlijk niets van dat hij mij niet in kon halen. Balen zeg….. moest ik nu wel of niet in snelwandeltempo de trail gaan lopen? En wat denk je, wie komt daar tijdens mijn besluiteloze moment vanuit de tunnel tevoorschijn…. ja hoor, mijn mannetje! Hij had dus écht al die tijd beneden bij de brug gestaan, net zo lang tot die eindelijk even mensloos was. De schuld lag geheel en al bij dat groepje mensen dat er al had gestaan toen wij aan waren komen lopen, zo legde Hans uit, die waren echt eindeloos lang op de brug rond blijven hangen.

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Gelukkig, we konden weer samen verder. En wat hebben we genoten van deze trail. De hoge donkere rotswanden met veel groene boompjes en struiken, het mooi aangelegde pad met  héél veel trappen, het snel stromende water met de prachtige watervallen. We waren nu ook heel erg blij met het bewolkte weer, als de zon had geschenen zou het veel moeilijker zijn geweest om hier foto’s te maken. Ons grootste probleem was het stuifwater…. op sommige plekken moest ik, terwijl Hans foto’s stond te maken, m’n handen boven de camera houden om die tegen de nattigheid te beschermen. Elke keer dachten we dat we nu toch wel het mooiste van de trail hadden gehad. Maar nee hoor, het blééf super…. na elk trapje en elke bocht werden we opnieuw getrakteerd op een schitterende waterval of stroomversnelling.

Twee kilometer lang heen, en diezelfde twee kilometer weer terug. Op de heenweg moesten we vooral klimmen, en dat betekende automatisch dat we op de terugweg dus via al die trappen weer omlaag moesten. We moesten nog goed uitkijken ook, door het water en de herfstbladeren die overal op het pad lagen was het op sommige plekken best wel glad. De bewolking werd ondertussen wat dikker en dreigender, op de terugweg was het licht in de kloof dan ook niet meer echt goed om te fotograferen. Ons tempo lag daardoor flink wat hoger, en zomaar ineens waren we alweer bij de auto terug.

We reden naar ons motel, het was onze bedoeling om daar in het restaurant te gaan eten. Maar wat een uitgestorven boel was het daar….. er was helemaal niemand te zien. Geen gasten, en ook geen personeel. Het deed zo ongezellig aan, we hebben dan ook maar meteen rechtsomkeer gemaakt. Terug naar de auto, voor het korte ritje naar Watkins Glen. Maar in het “Family Restaurant” dat we daar binnenliepen maakten we precies het tegenovergestelde mee: het was er afgeladen vol, het leek er op dat er geen enkele tafel meer vrij was. En we voelden ons ineens wel heel erg jong……. ik schat dat de gemiddelde leeftijd van de bezoekers in het restaurant zo rond de 75 jaar lag. En daar passen deze opa en oma toch echt nog niet bij, hoor! Een serveerster bood ons nog een plaatsje aan aan een zespersoons tafel, waar al vier mensen zaten te eten. Maar nee, we vinden het heel leuk om onderweg met Amerikanen aan de praat te raken maar om nu hier verplicht een hele tijd met iemand de tafel te moeten delen, dat zagen we niet zitten. En zo kwamen we dus terecht bij de Chinees direct naast het Family Restaurant. Lekker…. met Chinese Food in buffetstijl kan je ons altijd blij maken!

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park

Watkins Glen State Park


DAG 6 : ZATERDAG 1 OKTOBER : MOUNT HOPE CEMETERY

Gereden:  330 mijl
’t Was grijs en nat buiten, toen we na een karig ontbijt vanuit ons motel vertrokken. En echt veel beter zou het niet gaan worden, als we The Weather Channel mochten geloven. Ach, gisteren was het ook reuze meegevallen met de voorspelde regen, dus wie weet…. misschien zou het zo meteen toch wel weer droog zijn. We besloten dan ook om gewoon zoals gepland naar Letchworth State Park te rijden. Maar toen we na dik ’n uur rijden langs de snelweg een bord zagen staan waarop de afslag naar het park stond aangegeven, regende het nog volop. Wat nu? We waren het er al snel over eens dat dit echt geen park was dat in de regen tot z’n recht zou komen, en we besloten om het over te slaan. Jammer…… We waren wel blij dat we ons bezoek aan Watkins Glen State Park met één dag vervroegd hadden, stel je voor zeg dat we die trail vandaag in de regen hadden moeten doen. Dan zou het kleine beetje ‘jammer’ dat we nu voelden bij het overslaan van Letchworth een hele dikke vette JAMMER zijn geweest.

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

We hadden voor vandaag nog een tweede bestemming op het oog. Op internet hadden we bijzonder mooie foto’s gevonden van een grote begraafplaats in de stad Rochester, ik gaf de adresgegevens daarvan aan Tommie door en een half uurtje later zagen de we ingangspoort van Mount Hope Cemetery al voor ons liggen.

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery


Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

Op Arlington Cemetery, drie dagen geleden, hadden we alles te voet moeten doen. Maar hier mochten we wel met de auto de begraafplaats op en daar waren we heel blij om. Want echt, bijna 80 hectare met een en al fotoge-nieke plekken….. we wisten gewoon niet waar we moesten beginnen! We zijn maar, vrij willekeurig, naar een van de uit-einden van de begraafplaats gereden en daar zijn we aan de slag gegaan. Helaas bleek al snel dat we toch écht een statief moesten gebruiken, vanwege de vele bomen en het erg donkere weer was de lichtinval gewoon-weg onvoldoende om uit de hand te fotograferen. Ik heb mijn fototoestel daarom maar weer opgeborgen, met heel veel spijt, want juist hier had ik ontzettend graag foto’s willen maken. En in de plaats daarvan heb ik de paraplu uit de kofferbak opgediept, zodat ik Hans z’n fototoestel tegen de regen kon beschermen. Zie je me al lopen, braaf met die paraplu achter Hans aan…….

De beste manier om Mount Hope Cemetery te beschrijven is sfeervol. De lage heuvels, de prachtige oude bomen, en dan natuurlijk al die oude grafstenen. Op sommige plekken – zoals in de oorlogsgravensectie – stonden identieke stenen in lange nette rijen naast elkaar. Op andere plekken stonden allemaal verschillende grafstenen kriskras door elkaar heen. Soms overwoekerd door mos of door klimplanten, soms met diepe scheuren door de ouderdom, of helemaal scheef gezakt. Het viel ons op dat er regelmatig namen op de grafstenen stonden die duidelijk een Nederlandse herkomst hadden, zoals Schipper, de Jongh en van Hanegem.

We hebben alle wegen en weggetjes van de begraafplaats gezien, sommige zelfs meerdere keren. En uiteraard zijn we heel vaak uitgestapt en tussen de graven door gelopen, we konden er geen genoeg van krijgen. Dicht bij de ingang vonden we een hoekje waar diverse mausoleums bij elkaar stonden, vooral dat ene mausoleum waarop groot de naam Whitbeck stond zag er heel oud uit. En, nu ik het toch over oud heb, natuurlijk zijn we ook nog even op zoek gegaan naar de graf-steen van William Carter, de eerste persoon die hier begra-ven is. Op 18 augustus 1838, om precies te zijn. En dankzij onze plattegrond hebben we ‘m nog gevonden ook.

Mount Hope CemeteryEigenlijk had ik zo ondertussen toch best wel honger gekregen. en toen ik op m’n horloge keek snapte ik ook best hoe dat kwam. Het was al 2 uur ’s middags, en na dat minimale ontbijtje van deze ochtend in Watkins Glen hadden we niets meer gehad. “We moeten echt gaan stoppen en wat gaan eten”, besloten we samen. Alleen nog even dat ene weggetje inrijden… daar nog even uitstappen….. hé daar staat een hobbelpaardje op een grafsteen, dat willen we ook nog even zien……. Enfin, om 3 uur ’s middags reden we dan toch echt de begraafplaats af, een onmogelijk tijdstip om te gaan eten eigenlijk, maar dat heeft ons er niet van weerhouden om een heerlijk broodje kip met een grote friet bij de McDonalds weg te werken. En nog wat McNuggets kip erbij, want we hadden echt honger allebei.

Met als gevolg dat we voorlopig echt helemaal niet meer aan eten hoefden te denken! Eigenlijk hadden we in Rochester willen overnachten, maar we hadden geen zin om nu al een motel op te gaan zoeken en binnen te gaan zitten. Waarom niet even wat mijlen maken, zodat we morgen minder ver zouden hoeven te rijden. En dus zetten we koers richting Vermont, we zouden wel zien hoe ver we zouden komen. Stom genoeg gaf ik TomTom de opdracht om tolwegen te vermijden, dus zaten we plotseling op een hele andere route dan ik had verwacht. Ach, ook leuk om zo via de kleine dorpjes door het binnenland te rijden, anders hadden we nooit dat leuke plaatsje Palmyra gezien waar ze blijkbaar de plaats Page in Utah concurrentie aan willen doen: het leek wel of er meer kerken dan huizen stonden! Ik heb toch maar even tegen Tommie gezegd dat we wel wat tolgeld wilden betalen, anders zouden we nog niet echt opschieten met ons ‘mijlen maken’. Dus even later ging het verder via Interstate 90, dat ging toch wel heel wat sneller. ’s Avonds tegen 7 uur hadden we er genoeg van, we hebben de eerste de beste afslag waar een motelbordje stond genomen, en zo kwamen we zowaar terecht in Amsterdam. Waarvan we overigens niet méér hebben gezien dan het Super 8 Motel.

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery

Mount Hope Cemetery


DAG 7 : ZONDAG 2 OKTOBER   :  COVERED BRIDGES IN VERMONT

Gereden:  236 mijl
Wat is hurricane Irene tekeer gegaan in het zuiden van Vermont! Rondom de plaats Wilmington zagen we nog allerlei stille getuigen: puin zomaar langs de kant van de straat, kapotgeslagen oevers van de rivier, opeengestapelde boomstammen in de rivierbochten…. de gevolgen van het natuurgeweld waren hier duidelijk zichtbaar. Ook de weg, State Route 9, was op diverse plekken beschadigd. Maar we konden gelukkig wel overal rijden, er waren al de nodige reparaties uitgevoerd. ’t Was trouwens wel een hele mooie weg om te rijden, niet voor niets dat het het predikaat Scenic Route heeft gekregen.

We hadden TomTom gevraagd om ons de weg naar de Green River Bridge in het plaatsje Guilford te wijzen. We reden nog over State Route 9 toen hij ons abrupt de opdracht gaf om rechtsaf te slaan; Hans stuurde meteen gehoorzaam de smalle weg in die daar lag, om er vervolgens achter te komen dat dit een onverharde weg was! En best een slechte onverharde weg ook nog, de wegkanten waren helemaal kapot en daardoor was de toch al smalle weg nóg smaller geworden. Keren ging niet, en om achteruit terug te rijden waren we eigenlijk al net te ver. Nog even rechtdoor rijden, dus…. Gelukkig werd het wegdek al snel veel beter, en ach….. ’t was niet gepland maar toch eigenlijk wél hartstikke leuk, we besloten spontaan om deze route verder te blijven volgen. En zo kringelden we zomaar ineens via diverse bosweggetjes door het zuiden van Vermont heen. Ineens zagen we, midden tussen de bomen, een klein kerkhof naast de weg liggen. Een oude man zat met z’n rug naar ons toe bij een van de graven. “Kijk”, zeiden we tegen elkaar, “hij zit even met zijn vrouw te praten!” ’t Was zo’n fotogeniek plaatje, maar nee, het ging ons toch te ver om hier stiekem een foto van te maken.

Brattleboro Covered Bridge

Brattleboro Covered Bridge

Dummerston Covered Bridge

Dummerston Covered Bridge

TomTom stuurde ons midden door het bos heen. De weg bleef goed, tot het moment dat we een heel smal bospaadje op werden gestuurd waar helemaal aan het begin een enorme plas water lag. En dat was dus einde oefening wat dit onverwachte dirtroad-avontuur betrof, we hadden geen zin om dat paadje in te rijden zonder enig idee over de toestand verderop. We zijn omgedraaid, en via dezelfde weg teruggereden naar State Route 9. Eerst maar eens naar de plaats Guilford rijden, en kijken of TomTom vanaf daar gewoon netjes via de verharde weg een route zou kunnen vinden.

Voordat we Guilford bereikten, kwamen we eerst door de plaats Brattleboro. Ook daar zou een covered bridge liggen, zo stond in mijn informatie. Die konden we natuurlijk eerst even bekijken, nu we er toch zo dichtbij waren. En dus werd de Creamery Bridge onze eerste brug-met-een-dakje in de staat Vermont. Hmmmmm, eigenlijk viel die best wel tegen. ’t Was wel een hele mooie brug, maar het was zo vreselijk toeristisch aangekleed. Een pop erbij, pompoenen er voor…. niet echt onze smaak. Gauw door naar brug nummer 2 dus.

Om bij die Green River Bridge te kunnen komen moesten we toch écht weer dirtroad gaan rijden, ook nu we vanaf een andere kant kwamen stuurde TomTom ons een onverharde weg op. Breed, vlak, makkelijker dan dit kan je ze niet krijgen. En zo stonden we even later bij onze tweede covered bridge, en dit exemplaar vonden we dus wel bijzonder mooi. Deze brug is nog in gebruik, alleen moet je wel even je snelheid aanpassen als je er doorheen wilt rijden: “Two dollar fine to drive on this bridge faster than a walk”, zo stond er op een bordje aan de voorzijde te lezen. ’t Leuke van deze brug was dat die van alle kanten uit gefotografeerd kon worden. Terwijl we zo bezig waren vloog de tijd voorbij, als we in dit tempo verder gingen dan zouden we niet veel bruggen meer kunnen zien!

Green River Covered Bridge

Green River Covered Bridge

Green River

Green River

TomTom was de baas, vandaag. We stelden gewoonweg een nieuwe plaats- en straatnaam in, en we reden vervolgens door de meest pittoreske weggetjes van Vermont. Op de plattegrond die ik voor in de auto had liggen kon ik vaak niet eens meer volgen waar we ons precies bevonden, die kaart was niet gedetailleerd genoeg. Maar dat maakte ons helemaal niks uit, we vonden het geweldig om hier zomaar rond te rijden en dan ineens weer een covered bridge over het water te zien liggen. Op gegeven moment reden we langs de West River, een behoorlijk brede rivier. En een brede rivier, dat betekent vanzelfsprekend ook: een hele lange covered bridge. Dummerston Bridge, zo heet die.

Sommige van de straatnamen die we invoerden waren bij TomTom niet bekend, en daardoor hebben we twee of drie bruggen niet gevonden. In de plaats daarvan hebben we het prachtige witte Windham County Court House en het daarnaast gelegen witte kerkje maar als fotodoelwit uitgekozen; echt tevreden waren we niet want we misten toch eigenlijk wel de fall foliage kleuren die we in ons hoofd hadden. Wit kerkje temidden van rood en geel gekleurd bladerdek, dát was eigenlijk waarop we hadden gehoopt. En niet Wit kerkje met een grijze lucht op de achtergrond. Dus zijn we maar gauw weer op covered bridge jacht gegaan.

De kleine, vervallen McWilliam Bridge was een pláátje. Gebouwd in 1967, en dat verbaasde me echt want de brug zag er veel ouder uit. Misschien wordt deze brug wel minder goed onderhouden, omdat het privébezit is? De volgende brug, Kidder Hill Bridge, was van zichzelf minder fotogeniek. Maar die lag dan wel weer zo mooi tussen de bomen, dat we ook met deze vangst dik tevreden waren. De McWilliam Bridge en de Kidder Hill Bridge liggen allebei over de Saxton River, en die moet heel hoog hebben gestaan tijdens de overstromingen. Een stenen muurtje in de buurt van de brug lag om, de zijkant van de brug was ook beschadigd. En op de brug hing een bordje dat de weg verderop was afgesloten, alleen residents en road repair personnel mochten hier nog doorrijden, zo stond er op een provisorisch bordje dat aan de brug was vastgemaakt te lezen.

McWilliam Covered Bridge

McWilliam Covered Bridge

Kidder Hill Covered Bridge

Kidder Hill Covered Bridge

Op het moment dat we de Hall Bridge in de buurt van de plaats Rockingham aan het fotograferen waren, kwam er een vrouw naar ons toelopen. Een beetje een nieuwsgierig type, zo was onze indruk. Ze vroeg of wij uit Virginia kwamen, beetje gekke vraag eigenlijk want ze moet toch echt wel gehoord hebben dat wij niet zo heel Virginiaans met elkaar spraken. De vraag was dan ook vooral bedoeld om een gesprek op gang te krijgen, het was duidelijk dat ze om een praatje verlegen zat. We legden uit dat we niet uit Virginia kwamen, maar helemaal vanuit het verre Nederland. Nou, dat had ze echt niet verwacht, dat iemand van zo ver hier naar toe kwam om covered bridges te fotograferen. Ze vermoedde dat we ook wel voor de herfstkleuren waren gekomen, en daarin moesten we haar natuurlijk helemaal gelijk geven. Helaas, ze bevestigde wat wij zelf zo langzamerhand ook wel door hadden, het was geen goed jaar voor de fall foliage. We hebben eerst nog een goede nachtvorst nodig, zo zei ze. Het gesprek kwam nu op de overstromingen van een paar weken geleden, en Nosy Rosie (zo noemde ze zichzelf) schoot meteen helemaal vol. Zes-en-zestig jaar was ze nu, en nog nooit had ze zoiets angstaanjagends meegemaakt, zo vertelde ze met tranen in haar ogen. Ze wees een stukje verderop, daar stond haar woning. Het water was zo dichtbij gekomen, ze was echt vreselijk bang geweest. Maar gelukkig was haar huis gespaard gebleven. Andere mensen hier in de buurt hadden dat geluk niet gehad, er waren diverse huizen die dicht bij de oever van de rivier hadden gestaan helemaal vernield. Nu Rosie eenmaal op gang was gekomen met dit verhaal, was ze niet meer te stoppen…. ze bleef maar vertellen. Waarbij ze nogal vaak in herhaling viel, ze heeft minstens vier keer aangewezen waar precies haar huis stond. Zou de alcoholwalm die nadrukkelijk om haar heen hing daarmee iets te maken hebben?

Rosie liep met ons mee naar de binnenzijde van de brug, ze wilden ons een tak laten zien die door het water door de zijkant ervan heen was geslagen. In het asfalt voor de brug zat een flinke verzakking – dat gat was pas drie dagen na de overstroming ontstaan, zo legde ze uit. We kregen nog meer verhalen te horen, over de 89-jarige buurvrouw die al haar hele leven in deze omgeving woonde en die ook nog nooit zo’n erge overstroming had gezien, over het meetstation dat hier had gemeten dat er op het hoogtepunt maar liefst 34.000 kubieke meter water per seconde onder de brug doorstroomde, over zichzelf, dat ze een week lang letterlijk ziek was geweest na die hele gebeurtenis. En natuurlijk wees ze ook nog een keer aan welk huis van haar was.

Hall Covered Bridge

Hall Covered Bridge

Woodstock Middle Covered Bridge

Woodstock Middle Covered Bridge

We waren niet de enige covered bridges jagers vandaag, er kwam een jong stel aan dat ook de brug ging fotograferen. Nieuwe toehoorders voor Nosy Rosie dus, ze nam afscheid van ons en ging met al haar verhalen naar dat andere koppel toe. We reden verder naar Rockingham, waar we nog een brug op het oog hadden. En dat was dus de grootste tegenvaller van deze dag, wat een akelig commercieel gebeuren was dit zeg. Die brug lag daar alleen maar om als toeristen-trekpleister te dienen voor de direct ernaast gelegen overvolle Vermont Country Store. Overvol met allerlei onaantrekkelijke hebbedingetjes, en overvol met toeristen en locals die daar blijkbaar hun geld aan uit wilden geven. The Vermont Country Store Kissing Bridge, zo heette de brug. Omdat we er nu toch waren, zijn we er toch maar even naar toe gelopen. Maar Hans had ’n probleem, het lukte maar niet om het knopje van z’n fototoestel in te drukken. “Werkweigering”, zo verklaarde hij, terwijl hij zijn onwillige wijsvinger aan mij liet zien. Ik heb hem aangemoedigd:  “Vooruit, flink zijn, je kan het!”, en ja hoor, uiteindelijk zijn er toch twee foto’s van de Kissing Bridge gemaakt. Zo meteen, als ik de tekst van deze reisdag compleet heb, dan stuur ik die naar Hans z’n computer zodat hij er de foto’s bij kan zoeken. Ik heb zomaar het idee dat de foto’s van de Kissing Bridge dit verslag niet gaan halen!

’t Is toch altijd weer even spannend of je zo rond 5 uur in de namiddag nog een vrije motelkamer kunt vinden in een klein stadje zoals Woodstock. Nee hoor, niet het Woodstock waar Joe Cocker de wereld in 1969 op zijn onvergetelijke With a Little Help from my Friends trakteerde, maar het kleine knusse stadje Woodstock midden in de staat Vermont. Gelukkig was onze eerste poging meteen raak: we konden terecht in het Shire Riverview Motel. En wel in de grootste en meest chique motelkamer van deze reis, dus dat zat meteen helemaal goed. We hebben ’s avonds nog een korte wandeling door het plaatsje gemaakt, even gluren naar de pompoenen in de etalages, de schommelstoelen op de veranda’s, opnieuw een erg mooi wit kerkje. En – om het niet af te leren – ook nog even onze laatste covered bridge van deze dag. De Woodstock Middle Bridge bleek een prima afsluiter te zijn, met z’n mooi opengewerkte zijkanten. Na deze allerlaatste fotosessie konden we dik tevreden terug naar onze motelkamer. Op tijd naar bed, want morgen wilden we weer vroeg op pad!


DAG 8 : MAANDAG 3 OKTOBER  :  VAN WOODSTOCK, VERMONT NAAR FRANCONIA, NEW HAMPSHIRE

Gereden:  213 mijl
Maar ja, je kan wel vroeg op pad willen gaan, maar dat wil niet zeggen dat dat dan ook lukt! Om 7 uur ’s ochtends waren we vertrekklaar….. fris gewassen, tanden gepoetst, haren gekamd, alle spullen ingepakt en in de auto gezet…… wie hield ons nu nog tegen? Nou, wat dacht je van de mensen van het Shire Riverview Motel……. Toen we onze sleutel in wilden gaan leveren, bleek het kantoortje nog gesloten te zijn. Open om 8 uur, stond er op een bordje. Er was ook nergens een drop off box, kortom, we konden niet weg! En da’s knap vervelend als je al helemaal vertrekklaar bent.

In het motel konden we niet ontbijten. We hebben daarom maar ergens een paar belegde broodjes gekocht, die we vervolgens op onze kamer op gingen eten. En hé, dat was toch wel even een geluk bij een ongeluk…… Hans z’n windjack lag daar nog op het bed! Als we om 7 uur wél onze sleutel in hadden kunnen leveren, dan waren we dat jack dus mooi kwijt geweest.

Om 8 uur konden we dan toch eindelijk aan onze dag beginnen, we zijn vanuit Woodstock een heel eind naar het noorden gereden. In de hoop dat de bomen daar mooier in de kleuren zouden zitten dan in zuidelijk Vermont.  Maar helaas, dat viel tegen. Ook in Stowe – een plaatsje dat op internet vaak wordt genoemd als je op zoek bent naar mooie Fall Foliage kleuren – was het nog overwegend groen met een beetje geel er tussendoor.

Moss Glen Falls

Moss Glen Falls

Moss Glen Falls

Moss Glen Falls

Church Stowe

Church Stowe

Moss Glen Falls, net ten noorden van Stowe, heeft op een watervallenwebsite het rapportcijfer 10 gekregen. En omdat er ook nog bij vermeld stond dat deze waterval erg fotogeniek is, en dat de trail er naar toe maar een kwart mijltje lang was, leek het ons een prima idee om hier eens naar toe te gaan. Dankzij een goede routebeschrijving konden we de trailhead heel makkelijk vinden, en even later liepen we via een smalle houten boardwalk naar een snel stromend riviertje toe. Het was duidelijk dat hier bevers zaten, we zagen diverse afgeknaagde boomstammen langs het pad. De bevers zelf lieten zich helaas niet zien. Drie dagen geleden hadden we al heel wat watervallen gezien, in Watkins Glen, maar deze Moss Glen Falls was toch weer heel anders. Hoger, minder rots en meer groen er omheen, leuk om dit eens te zien. Je kan deze waterval zowel van onderuit als van bovenaf fotograferen, van onderuit bleek heel makkelijk te zijn maar van bovenaf gaf toch wat meer problemen. Want het pad dat naar boven toe liep was niet alleen vrij steil, maar vanwege de vele boomwortels ook erg ongelijk. Het pad lag bovendien helemaal vol met vochtige herfstbladeren….. kortom, het was glad! En in zo’n geval ben ik wel even heel makkelijk uitgevallen: “Ga jij maar naar boven, ik bekijk de waterval wel vanaf de onderzijde!”  Een goede keuze, want toen Hans weer terugkwam zei hij dat ik er niet veel aan had gemist, hij vond de waterval het mooiste precies vanaf de plek waar ik was blijven zitten.

Fisher Covered Bridge

Fisher Covered Bridge

Het witte kerkje in Stowe doet ’t (vooral in de herfst!) heel erg goed op de foto, als je tenminste het hoog gelegen uitkijkpunt kan vinden. We zijn eerst zelf op zoek gegaan, gewoon wat rondrijden in de omgeving in de hoop een goede plek te vinden. Dat ritje leverde ons wel de leuke Emily’s covered bridge op, maar niet het uitkijkpunt. We besloten daarom om maar eens even deskundige hulp in te roepen, in het Visitor Center in Stowe zouden ze ons vast wel kunnen vertellen waar we moesten zijn. Maar ja, we hadden het kunnen weten…… in die bezoekerscentra worden wij altijd vreemd aangekeken omdat wij blijkbaar met heel ongebruikelijke vragen komen. Ook deze keer gebeurde dat weer. De vrouw aan wie ik mijn vraag had gesteld haalde er een collega bij, en die dacht dat we misschien – tja, ze wist het ook niet zeker – de trail maar eens moesten proberen die een paar honderd meter verderop in het dorpje zelf begon. Nou, ze had een beetje gelijk. Toen we vanaf de plek die zij had aangewezen een heuvel op waren geklommen, hadden we inderdaad een goed zicht op het kerkje. Maar het was niet het bekende shot dat we diverse keren op internet waren tegengekomen, de hoek was heel anders. Ach, vanaf deze kant was ’t ook een leuk plaatje!

Ons derde doel hier in de omgeving van Stowe was Smugglers Notch State Park. Dat is niet echt een State Park in de vorm van wandelpaden, viewpoints en dergelijke, het is alleen maar een smalle kronkelige weg midden in een bosrijk gebied. Het was er heel druk met leaf hunters (die term hebben we tijdens deze vakantie leren kennen), maar de jacht was niet succesvol omdat – ik val wat in herhaling – de kleuren niet echt spectaculair waren. We kunnen ons wel voorstellen dat het hier tijdens een echte Fall Foliage wel bijzonder mooi moet zijn, zelfs nu was het al een heel aantrekkelijke rit.

Deze ochtend gingen we er nog van uit dat we in Stowe zouden gaan overnachten. Maar we hadden geen van beiden zin om naar dat drukke toeristische plaatsje terug te rijden, we hadden het al wel gezien daar. Dus besloten we om meteen maar door te rijden naar New Hampshire. Met een klein omweggetje, via de Grist Mill Covered Bridge in de plaats Cambridge. En daar bleek het dus hartstikke mooi te zijn. Het was niet eens zozeer de brug zelf die bijzonder was, maar vooral de omgeving. Veel groen, met zowaar ook al flink wat kleur daar tussendoor. Niet één maar zelfs twee snel stromende beekjes, vooral de smalle zijtak van de Brewster River was heel mooi omdat er veel takken en met mos begroeide stenen in lagen. Via een kleine houten loopbrug konden we dat  beekje even oversteken, het was maar een hele korte wandeling maar wel één die ons prima is bevallen.

Zo, weer de auto in, we hadden nog een rit van zo’n 80 mijl voor de boeg. We kozen niet voor de kleine binnenweggetjes deze keer, maar voor de snelste route. Via State Route 15, dus. Diverse keren reden we door kleine stadjes en dorpjes heen, en het viel ons op dat het er daar veel minder welvarend uitzag dan in de plaatsen die we een dag eerder in zuidelijk Vermont hadden gezien. Op gegeven moment zagen we, helemaal onverwacht, een covered bridge midden in het landschap liggen. Het viel ons op dat die wel heel erg hoog was, we beseften meteen dat deze brug niet voor het autoverkeer was aangelegd, maar voor treinen. En ja hoor, toen we naar de brug toeliepen zagen we al snel dat er nog een oud stuk spoorbaan onderdoor liep. De Fisher Bridge is – zo lazen we op een bordje – de laatste overdekte spoorbaanbrug in Vermont van deze soort (met een rook-uitlaat aan de bovenzijde) die nog volledig bewaard is gebleven. Leuk dat we deze brug zo onverwacht tegen waren gekomen, we vonden het een mooie aanwinst voor onze covered bridges verzameling.

We reden Vermont uit, en New Hampshire in. Waarmee we de teller dus op 7 staten brachten. We belandden in het plaatsje Franconia, waar we een kamer vonden in de Hillwinds Lodge. Voordat we een restaurant gingen zoeken, moesten eerst onze tassen de auto uit en de motelkamer in. Een van de tassen was nogal ver naar achteren geschoven, tja dat krijg je ervan als je zo’n grote auto hebt. Ik leunde voorover om die tas te kunnen pakken, en daarbij steunde ik onbedoeld op het deksel van onze piepschuimen koelbox. En daar kan zo’n deksel dus niet tegen…… ’t ding brak meteen in drie stukken! We besloten om de koelbox meteen maar te dumpen in de vuilnisbak die op de parkeerplaats stond, echt treurig waren we er niet om want we hadden er niet veel gebruik van gemaakt, het was immers geen picknickweer geweest tijdens deze vakantie. Er zaten nog een paar blikjes cola in, die konden we wel kwijt in de koelkast op onze motelkamer. En o ja, daar hadden we het grote broodmes, dat ding lag ook nog steeds in de koelbox. We konden het mes natuurlijk niet los in de auto laten rondslingeren, we hebben het dus maar gauw even in de laptoptas gestopt.

In het Dutch Treat Restaurant was het ongelooflijk druk, we moesten dan ook lang wachten tot we de bestelling op konden geven en nog langer voordat het eindelijk geserveerd werd. Nu hadden ze daar op tafel bakjes staan met Triviant-kaartjes, best een goed idee vonden we dat. We hebben elkaar dus mooi even zitten overhoren tijdens de wachttijd. Op een van de kaartjes stond de vraag: “Wat is de hoogste berg van de 48 aaneengesloten staten van de USA?”  En aangezien we die Mount Whitney een aantal jaren geleden nog uitgebreid hadden gefotografeerd, dacht ik dat Hans daarop best wel het antwoord zou weten. Maar ja, ik ben de wandelende reisgids van ons tweeën, niet Hans. Met andere woorden, zijn antwoord was, in goed Brabants: “ ‘k Weet nie”. Wilde hij zowaar nog dat ik hem een punt toe zou kennen ook nog! Enfin, uiteindelijk kregen we dan toch ons eten, echt lekker was ’t overigens niet. Op de rekening moesten we al bijna net zo lang wachten als op het eten zelf…. echte verwennerij was het niet daar in die Dutch Treat.

Grist Mill Covered Bridge

Grist Mill Covered Bridge

Emily's Covered Bridge

Emily’s Covered Bridge

 


DAG 9 : DINSDAG 4 OKTOBER : FRANCONIA NOTCH STATE PARK – KANCAGAMUS HIGHWAY

Gereden:  71 mijl
We mochten uitslapen, deze dag. Want het vlakbij gelegen Franconia Notch State Park ging pas om 9 uur open, we hoefden dus niet – zoals gewoonlijk – om 7 uur ’s ochtends vertrekklaar te zijn. Die openingstijd van 9 uur hebben we trouwens niet eens gehaald, tja dat krijg je ervan als je verkeerd op de borden kijkt onderweg. Ik dacht een pijl naar rechts te hebben gezien die de richting naar het park aangaf, Hans was ervan overtuigd dat de pijl naar links had gewezen. Ik zal hier maar niet verraden wiens schuld het was dat we de verkeerde richting kozen (niet de mijne, hoor!). Na een lange omweg stonden we uiteindelijk weer bij dat bord, we gingen rechtsaf deze keer en ja hoor, twee bochtjes verder lag het parkeerterrein van het State Park. En druk dat het daar was! Veel personenauto’s, en ook nog een heel stel tourbussen. Behalve van de drukte schrokken we ons ook rot van de prijs: 14 dollar per persoon, zoveel hebben we nog nooit voor een dergelijk park betaald!

Flume Covered Bridge

Flume Covered Bridge

Flume Gorge

Flume Gorge

Sentinel Pine Covered Bridge

Sentinel Pine Covered Bridge

Via een geasfalteerd pad liepen we omlaag, tussen de busladingen toeristen door die net voor ons waren losgelaten. De meesten behoorden tot de leeftijdsgroep Golden Age, zoals ze dat in  Amerika graag zeggen, we hoorden diverse mensen behoorlijk zuchten en steunen op deze steile afdaling. O jee, straks moesten ze ook nog terug omhoog! Onderweg kwamen we een bijzonder goed onderhouden covered bridge tegen, de mooie rode Flume Bridge. Deze brug is gebouwd in 1886, en is daarmee een van de oudste covered bridges in New Hampshire. De moeite waard dus om even een paar plaatjes te schieten voor onze verzameling. Een klein stukje verderop bereikten we Table Rock, een plek waar het water van Flume Creek breed uitstroomt over een glad rotsplateau. Hier en daar lagen enkele kleine stenen, dat gaf een grappig fontein-effect doordat het hard stromende water daar tegen omhoog spatte.

Flume Gorge

Flume Gorge

Direct voorbij Table Rock ging het wandelpad een rotsachtige kloof in, Flume Gorge heet die. Prachtig was ’t hier… de granieten wanden torenden ruim 20 meter boven ons uit, op sommige plekken zat er maar zo’n zes meter ruimte tussen de wanden in. En daar tussendoor stroomde Flume Creek in een reeks van watervallen en stroomversnellingen naar beneden. We liepen via de houten boardwalk die aan de rotswand was vastgemaakt door de kloof heen. En dat was dus een probleem… zo’n boardwalk trilt als er mensen overheen lopen! En daar stonden Hansje en Tetje met hun statief en fotocamera, die trilden lekker mee en ja, dat levert toch wel érrug wiebelige foto’s op! We moesten dus geduld hebben, heel veel geduld. Eerst moest de buslading mensen die wij tijdens het begin van de trail voorbij waren gelopen ons weer inhalen. We hoopten dat het daarna wat rustiger zou worden, maar helaas… er kwam een onafgebroken stroom mensen achter ons aan en de boardwalk bleef maar trillen. En als er eens een spaarzaam moment was waarop het achter ons even rustig was, dan lag het probleem weer aan de andere kant… allemaal bewegende mensen die in beeld liepen. Op sommige plekken hebben we wel 10 of 15 minuten stil gestaan, met slechts één trilvrije en stilstaande mensen-foto als resultaat.

In de kloof waren we via trappen een heel stuk omhoog geklommen, tijdens de tweede helft van de trail moesten we dus weer omlaag. Omdat we nu niet meer door de kloof liepen was dit deel van de wandeling minder spectaculair. Maar toch hadden we het ook hier prima naar onze zin, ook dit bosrijke gedeelte was mooi om te zien. We kwamen nog een paar snel stromende beekjes tegen, en de Sentinel Pine Covered Bridge. Die we wel wat minder fotogeniek vonden dan de brug die aan het begin van de trail lag. We waren nu bijna terug bij het beginpunt, maar Hans bleek helemaal nog geen zin te hebben om al met onze wandeling te stoppen. Die Flume Gorge was zo mooi, daar konden best nog wat meer foto’s van worden gemaakt! We besloten spontaan om rechtsomkeer te maken en het hele stuk weer terug te lopen. In de stiekeme hoop dat het ondertussen wat minder druk zou zijn geworden. IJdele hoop was dat, het was nog steeds file lopen daar in de kloof. We hebben toch maar wat minder ons best gedaan dan op de heenweg, om nu weer op elke plek zo lang staan te wachten was toch net wat teveel van het goede. Ik denk dat we sowieso een record hebben gevestigd… er zullen toch niet veel mensen zijn die vier uur bezig zijn met een trail van 3,2 kilometer!

Meer aan de Kancagamus Highway

Meer aan de Kancagamus Highway

Nadat we in Lincoln onze magen hadden gevuld en een vergeefse poging hadden gedaan om Converse All Stars schoenen voor Oona te vinden, was het tijd voor de Kancagamus Highway. Een Scenic Route van ruim 26 mijl lang tussen de plaatsen Lincoln en Conway. Deze rit is vooral populair tijdens de Fall Foliage, de kleuren moeten hier dan echt overweldigend mooi zijn. Onze verwachtingen waren niet al te hoog gespannen, we hadden inmiddels wel door dat dit niet het beste Fall Foliage-jaar was. In het begin van de route ging de weg over een riviertje heen, direct daar voorbij lag een grote parkeerplaats en die lag daar natuurlijk niet voor niets, dit moest vast een fotogenieke plek zijn. Dus: parkeren, uitstappen, fototoestellen pakken en naar de brug toe lopen. Daar zag ik dus een klein, gemeen opstaand randje in het voetpad over het oog, ik bleef haken met mijn voet en voelde hoe ik voorover tuimelde… een paar grote struikelende stappen later ging ik helemaal onderuit… Mijn linkerheup en linkerelleboog vingen de klap op, ook mijn fototoestel had een tik meegekregen. Op het moment dat ik overeind krabbelde, met Hans z’n hulp, vreesde ik dat mijn fototoestel flink beschadigd zou zijn. Hans was er meer in geïnteresseerd hoe ’t met mij was, in eerste instantie voelde ik alleen mijn heup maar ik kon alles nog bewegen, nog gewoon lopen, dus dat zat wel goed. Ik zag er alleen niet meer uit, mijn broek en mijn vest waren kletsnat en zaten aan één kant helemaal onder het vieze zand. Op de parkeerplaats heb ik – achter in de auto – andere kleren aangetrokken. Toen pas merkte ik dat mijn elleboog flink geschaafd was, Hans moest er nog even aan te pas komen met de betadine en een grote pleister. Ondertussen was ik ook nog erg ongerust over mijn fotocamera, maar gelukkig, op een scheurtje in de lenskap na had die geen schade opgelopen.

Tijdens onze verdere rit over de Kangamus Highway hebben we toch best veel mooie herfstkleuren gezien. We hebben nog een uitgebreide stop gemaakt bij een meertje dat omringd werd door rood- en groengekleurde bomen, dit was vooral erg mooi dankzij de weerspiegeling daarvan in het water. Jammer dat het op dat moment net regende, bij een glad wateroppervlak zou het effect natuurlijk nog beter zijn geweest. Het voordeel van het wat minder goede weer was dat het niet overdreven druk was op de weg, ik heb wel eens reisverslagen gelezen waarin werd geschreven dat het vrijwel onmogelijk was om onderweg een parkeerplaats te vinden, maar dat bleek op deze dag geen enkel probleem te zijn. We zijn dan ook nog op diverse plaatsen gestopt, even wat bomen fotograferen, een mooi riviertje, de Sabbaday Falls.

Midden in de plaats Conway ligt de lange Saco River covered bridge; we moesten goed opletten tijdens onze fotosessie want die brug is nog volop in gebruik. Dat betekende dus: vaak opzij stappen om plaats te maken voor het verkeer. Toen ook deze brug van voren, van opzij en zelfs van binnen was vereeuwigd, werd het tijd om een motel te gaan zoeken. Maar het leek wel of er in Conway niets te vinden was, wij kwamen in elk geval niets tegen. Ik herinnerde me dat ik in reisverslagen vaker de plaatsnaam North Conway als overnachtingsplaats tegen was gekomen, we zijn daarom nog een klein stukje verder gereden en ja hoor, in North Conway was er wel volop keuze. Goedkoop was het er niet, zelfs het eenvoudige School House Motel wilde maar liefst 129 van onze dollars hebben. Tja, je moet wat. De prijs was er niet aan af te zien, maar we hebben de kamer toch maar genomen. Het was tijd voor een handwas: er lagen nog een hele smerige broek en een erg vies vest in de auto op me te wachten!

Flume Gorge

Flume Gorge

Flume Gorge

Flume Gorge

Franconia Noch Creek

Franconia Noch Creek


DAG 10 : WOENSDAG 5 OKTOBER : ISAAC ADAMS ESTATE – COVERED BRIDGES EN SAUGUS IRON WORKS

Gereden:  225 mijl
In het zuidwesten gaan wij altijd heel graag op zoek naar mooie hoodoos. Maar ja, die heb je hier in het noordoosten niet. “Geen probleem”, vond Hans, “we gaan gewoon op zoek naar covered bridges. Die hebben ook een dakje, dus dat is bijna hetzelfde,  toch!” Zo gezegd, zo gedaan. Gewapend met de lijst die ik thuis al had samengesteld gingen we op pad, met als eerste doel de Durgin Covered Bridge in het plaatsje Sandwich. Nu ontdekte ik dat ik helaas één essentieel ding bij mijn voorbereidingen was vergeten: ik had van geen van de covered bridges hier in de staat New Hampshire de straatnaam genoteerd! We moesten het dus doen met alleen een plaatsnaam, en een GPS-waypoint.

Abandoned House in Sandwich

Abandoned House in Sandwich

Abandoned House in Sandwich

Abandoned House in Sandwich

Abandoned House in Sandwich

Abandoned House in Sandwich

De zoektocht bleek op deze manier heel wat lastiger te zijn dan die van twee dagen eerder, in Vermont. Of we nu wel de meest logische route volgden, zo met de GPS in de hand, dat was hoogst twijfelachtig. Niet dat we dat erg vonden, want nu kwamen we zomaar onverwacht een werkelijk prachtig gebouwencomplex tegen. Oud, vervallen….. en schitterend om te zien! We hadden geen idee wat ooit de functie ervan moet zijn geweest, misschien was het wel een klooster of zoiets, met stallen en werkruimtes erbij. We waren daar wel heel nieuwsgierig naar; ’s avonds op onze motelkamer hebben we de straatnaam – de Wentworth Hill Road – in combinatie met de plaatsnaam Sandwich in Google ingevoerd, en zo kwamen we er al gauw achter dat we de Isaac Adams Estate hadden gefotografeerd. Die goeie man, Isaac Adams, had in het jaar 1827 een drukpers ontworpen waarmee, tegen een vele lagere kostprijs dan destijds gebruikelijk, bijbels en andere boeken konden worden gedrukt. De Adams Power Press was een wereldwijd succes, en meneer Adams is er stinkend rijk door geworden. Hij ging in Sandwich wonen, en bouwde bij zijn woning talrijke stallen, schuren, een windmolen, en zelfs een bowling alley. Het was ook zijn bedoeling om rondom zijn grondgebied een granieten muur te laten bouwen, toen we dat op internet lazen beseften we pas écht hoe gigantisch groot het grondgebied van deze man moet zijn geweest. Want we hadden, een heel stuk voordat we de Isaac Adams Estate bereikten, inderdaad een stuk van deze opvallende (en nooit voltooide) muur gezien.

Abandoned House in Sandwich

Abandoned House in Sandwich

Durgin Covered Bridge

Durgin Covered Bridge

Na dit wel heel erg mooie tussendoortje gingen we weer verder met onze covered bridges zoektocht. We volgden de route die de GPS ons opgaf, en daarbij kwamen we terecht op een goed begaanbare dirtroad. En een stukje verder, voilá, daar lag onze brug! Jee, die was mooi zeg…. we waren echt enthousiast dat we deze brug hadden gevonden. Hier zouden vast niet veel toeristen komen, er zijn immers niet veel mensen die via zulke achterafweggetjes gaan rijden om een covered bridge te kunnen zien. We waren nog geen halve minuut bezig met onze fotosessie, toen er ineens een camper aan kwam rijden! Niet vanaf de dirtroad waar wij hadden gereden, maar vanaf de andere kant. Gewoon via een verharde weg, dus! Kort daarna kwamen er ook nog twee auto’s aan…. en zo stonden we dus ineens midden tussen andere toeristen in onze brug te fotograferen. Een illusie armer – hoezo een exclusieve vondst! – maar wél een hele mooie brug in onze fotoverzameling rijker gingen we even later weer op pad. Op naar de volgende brug.

En dat was dus de Smith Millennium Bridge in de plaats Plymouth. De naam zei ’t eigenlijk al, dit was een hartstikke nieuwe brug. In de plaats gekomen van een veel oudere brug die in 1993 was vernield. Hmmm, geef ons maar die oude, sfeervolle bruggen zomaar ergens achteraf, dat vinden we veel mooier dan dit robuuste moderne geval. De lange Blair Bridge in Campton beviel ons veel beter, al was ’t wel jammer dat die net werd gerestaureerd. We konden de brug dan ook niet vanaf de voorzijde of de binnenzijde fotograferen, dat zag er niet uit met al die gereedschappen binnenin. Maar vanaf de zijkant leverde ’t toch een heel mooi plaatje op.

De brug die als nummer 4 op mijn lijstje stond bleek op een camping te liggen, vanaf de ingang hebben we even het terrein bekeken en dat zag er zomaar rommelig en onuitnodigend uit. We besloten om het Private Property-bordje maar niet te negeren, deze brug moesten we dus overslaan. En ineens hadden we er geen zin meer in, de covered bridge jacht hier in New Hampshire was veel minder leuk dan die van twee dagen eerder, in Vermont. En dat lag vooral aan het landschap, in Vermont hadden we rondgereden over prachtige pittoreske landweggetjes maar hier was de omgeving ronduit saai. We besloten om er acuut mee te stoppen, dag New Hampshire, we gaan naar Massachusetts toe. En dus konden we even later staat nummer 8 van deze reis op ons lijstje bijschrijven.

We waren nog vroeg genoeg om even naar de plaats Saugus te rijden, net ten noordoosten van Boston. Voor een bezoekje aan de Saugus Iron Works National Historic Site. Op internet hadden we erg mooie foto’s gevonden van dit door de National Park Service beheerde park, en dat was voor ons reden genoeg om er zelf eens een kijkje te gaan nemen. Er stond welgeteld één auto op de parkeerplaats van het park; de Park Ranger in het Visitor Center leek blij te zijn dat er eindelijk weer eens iemand binnenkwam. Niet dat hij veel van zijn verhaal aan ons kwijt kon want de begeleide tour die hij ons aanbood lieten wij toch echt aan ons voorbij gaan, wij lopen nu eenmaal liever ‘los’ rond dan aan het handje van een Ranger.

Smith Millennium Bridge

Smith Millennium Bridge

Blair Covered Bridge

Blair Covered Bridge

Op de plek van het park heeft lang geleden – ik heb ’t nu over de 17e eeuw – de eerste ijzerfabriek van de Verenigde Staten gestaan. Archeologen hebben tijdens opgravingen heel veel voorwerpen teruggevonden, en een deel daarvan wordt nu tentoongesteld in het bij het park behorende museum. De ijzerfabriek zelf is zo waarheidsgetrouw mogelijk nagebouwd, compleet met een hoogoven, smederij, en een watermolen waar het ijzer in staven werd gesneden. Het zag er allemaal super netjes uit, al die gebouwen met de vele gereedschappen er in. En dat is nou eigenlijk ook meteen mijn bezwaar tegen dit park, dat nette, dat schone…… dat voelde zo onecht aan. Ik kan me gewoon niet indenken dat het er hier vroeger zo heeft uitgezien, de gebouwen en de gereedschappen zullen ongetwijfeld heel waarheidsgetrouw zijn gereconstrueerd, maar van mij hadden ze dan ook de sfeer van destijds moeten weergeven. Nu bleef het voor mij gewoon ‘een verzameling gebouwen met spullen erin’, het werd niet ‘een stukje geschiedenis’. Maar, eerlijk is eerlijk, als fotografie-object was ’t wel een heel boeiend park. We hebben er diverse mooie foto’s kunnen maken, dus helemaal voor niets hebben we de omweg niet gemaakt.

Dicht bij de Saugus Iron Works zagen we een grote shopping mall. Handig, want we wilden graag nog die leuke All Stars schoenen voor onze Oona kopen. De eerste schoenenzaak waar we binnenliepen had welgeteld één paar in de goede maat, maar wel een superleuk paar. Hoog model, roze…. we zagen er onze kleine meid in gedachten al in rondlopen. En natuurlijk konden opa en oma even later ook geen nee zeggen tegen die stoere grijze All Stars die ze één winkel verderop aantroffen. We hebben in het winkelcentrum meteen ook maar even gegeten. Daarna hoefden we alleen nog een motel te zoeken, en dan zat ook deze dag er weer op.

Saugus Iron Works National Historic Site

Saugus Iron Works National Historic Site

Saugus Iron Works National Historic Site

Saugus Iron Works National Historic Site

Maar wat is dat toch hier rondom Boston? Tijdens onze zuidwest-vakanties is het altijd hartstikke eenvoudig om een motel te vinden, je neemt gewoon de snelweg naar de stad, kijkt op de borden die bij de afslagen staan, en dan rijd je zo rechtstreeks naar de ketenmotels toe, meestal staan er een heel stel vlak bij elkaar. Maar hier werkte het blijkbaar niet zo. ’t Eerste motel dat we zagen had niet van te voren aangegeven gestaan, we waren de afslag dus al voorbij op het moment dat we het in het vizier kregen. Pas een heel stuk verder stond er voor de eerste keer een “Neem de volgende afslag, daar staan 3 motels”-bordje. Maar we vonden daar niet 3 motels, maar slechts één. En duur dat die was, 170 dollar!! No way, wij rijden wel even door!! Pas na lang zoeken vonden we weer een motel, en daar kregen we dus te horen dat er geen plaats meer was. We begonnen nu echt te balen, het werd al donker, we waren moe, en we hadden geen enkel idee waar we zouden kunnen overnachten. Dus namen we een drastisch besluit: we reden terug naar New Hampshire! We waren nog maar net de staatsgrens gepasseerd toen we een Red Roof Motel vonden, voor 70 dollar konden ze ons een prima kamer aanbieden. En geloof me, in een kamer van 70 dollar slaap je net zo lekker als in een van 170 dollar!

Saugus Iron Works National Historic Site

Saugus Iron Works National Historic Site

Saugus Iron Works National Historic Site

Saugus Iron Works National Historic Site

Saugus Iron Works National Historic Site

Saugus Iron Works National Historic Site

 


DAG 11 : DONDERDAG 6 OKTOBER : BOSTON – THE FREEDOM TRAIL

Gereden:  47 mijl
Uiteraard moesten we deze ochtend dat hele eind naar Boston weer terugrijden. We rekenden er op dat dat wel eens flink wat tijd in beslag zou kunnen gaan nemen, zo in de ochtendspits, maar dat viel best mee. Okay, er stond wel wat file hier en daar. Maar ’t verkeer stond nergens echt vast, we konden steeds in een redelijk tempo door blijven rijden. En zo arriveerden we dus toch mooi op tijd in het centrum van Boston, dankzij TomTom reden we rechtstreeks naar de ondergrondse parkeergarage toe die we thuis al op internet hadden gevonden.

Boston

Boston

Old North Curch (Boston)

Old North Curch (Boston)

Old State House (Boston)

Old State House (Boston)

De zon scheen volop, dat was voor het eerst tijdens deze vakantie. Niet dat het nu lekker warm was, integendeel zelfs, de temperatuur lag maar een paar graden boven nul en er stond een hele koude wind, die blies dwars door onze kleding heen. Even twijfelden we…. moesten we nog even naar de auto teruglopen en iets warmers aandoen. Maar uiteindelijk besloten we toch maar zo, met een dun vest aan, op pad te gaan. Als we nu een dik fleecejack aan zouden doen, dan zouden we daar later deze dag vast spijt van gaan krijgen.

Ons eerste doel was het Visitor Center. Het tijdelijke Visitor Center om precies te zijn, want het echte bezoekerscentrum was dicht wegens renovatiewerkzaamheden. De jonge meid die ons daar te woord stond had er duidelijk geen zin in….. ’t enige wat zij wilde was iets verkopen, een plattegrond of een begeleide tour, en toen ze merkte dat wij daar niet in geïnteresseerd waren was zij op haar beurt totaal niet meer in ons geïnteresseerd. Ik had haar eigenlijk een paar vragen willen stellen, maar ze stond er zo onverschillig bij te kijken dat ik er eigenlijk al meteen geen zin meer in had. Ik probeerde het nog wel even, kon zij ons vertellen waar precies het bekende café Cheers te vinden was? Okay, ze wees vervolgens een plekje aan op de kaart die op de balie lag, dat ging echter zo snel dat ik totaal geen kans had om me te oriënteren. Nou, laat maar hoor, we zoeken het zelf wel uit.

The Freedom Trail is een 4 kilometer lange historische wandelroute, waarbij je langs allerlei bezienswaardigheden loopt. Thuis hadden we al een plattegrond uitgeprint (vandaar dus dat we er in het Visitor Center geen hoefden te kopen), en daarmee gingen we op pad. The Massachusetts State House, met z’n mooie blinkende koepeldak, kon de vergelijking met het Washingtonse Capitool absoluut niet doorstaan. Dus maar gauw verder naar het volgende doel, Park Street Church en de daarnaast gelegen Granary Burying Ground. We hebben wat met kerkhoven, deze vakantie. Eerst Arlington, daarna Mount Hope in Rochester, en nu dus deze begraafplaats hier in Boston. ’t Blijft leuk hoor, om die oude graven te fotograferen. Alleen mopperden we nu omdat het zo zonnig was, het is ook nooit goed voor ons, hè? Felle zon en dikke schaduwen, dat werkt echt niet……. geef ons maar het regenachtige weer dat we in Rochester hadden!

Blackstone Street

Blacstone Street (Boston)

Granary Burying Ground

Granary Burying Ground (Boton)

We sjokten langzaam verder langs de rode lijn op het trottoir die de wandelroute aangeeft. We kwamen nog een mooi kerkje tegen waar we ook binnen een kijkje konden nemen. En nog twee van die kleine, sfeervolle begraafplaatsen. ’t Mooist vonden we niet eens zozeer de gebouwen die als bezienswaardigheid in de route stonden vermeld, maar veel meer nog de anonieme woningen die we onderweg zagen. Met afgebladderde houten voordeuren, met brandtrappen, met raamkozijnen die omlijst werden door houtsnijwerk….. Ook de contrasten tussen de verschillende gebouwen vonden we mooi, het kleine oude State House met een paar grote moderne kantoorgebouwen op de achtergrond was daar een mooi voorbeeld van. The Freedom Trail eindigde bij het marineschip de USS Constitution. We moesten best nog een eind lopen voordat we daar waren, we waren blij dat we onderweg een restaurant tegenkwamen waar we even lekker konden lunchen.

Ten Marshall Street (Boston)

Ten Marshall Street (Boston)

Kings Chapel (Boston)

Kings Chapel (Boston)

Bosworth Street (Boston)

Bosworth Street (Boston)

Het was behoorlijk druk op de Charlestown Navy Yard waar het oude marineschip lag aangemeerd, er stonden een paar schoolklassen met luidruchtige tieners voor ons. En aangezien iedereen één voor één werd gecontroleerd – we moesten ons paspoort laten zien en onze heuptassen gingen door een scanner – duurde het best lang voordat we naar het schip toe mochten. We konden kiezen: een begeleide tour of op eigen houtje rondlopen, en natuurlijk gingen wij voor het laatste. Al was het overigens niet echt duidelijk waar we nu wel of niet mochten komen, we zagen dat andere mensen benedendeks gingen en dat hebben wij dus ook maar gedaan. Op gegeven moment waren we daar helemaal alleen….. misschien was het niet de bedoeling om hier zonder gids te zijn? We hebben er wat foto’s gemaakt, en zijn toen maar weer naar boven gegaan. De kanonnen, al het touwwerk, het stuurwiel, er waren daar genoeg fotografabele details te vinden. Als laatste hebben we uiteraard ook nog de buitenzijde van het schip op de foto gezet.

Zo, de Freedom Trail zat er op. Nu moesten we nog wel dat hele eind teruglopen naar de auto, we kozen – met de plattegrond in de hand – voor een route die net wat korter was dan de officiële wandeling. Daarbij kwamen we toevallig langs een ijshockeystadion, en de enorme drukte daar was het bewijs dat de Boston Bruins deze avond een wedstrijd zouden gaan spelen. Een mooie blonde jongedame zat achter een desk, met televisiecamera’s op haar gericht, voor het stadion haar verhaal te vertellen. Het was weliswaar lang niet meer zou koud als vanochtend, maar toch…. dat zomerjurkje dat ze aan had was wel heel erg luchtig! ’t Was haar niet aan te zien dat ze het koud had hoor, zo lang de camera’s draaiden was de opgewekte big smile niet van haar gezicht te krijgen.

Granary Burying Ground (Boston)

Granary Burying Ground (Boston)

Copps Hill Burying Ground (Boston)

Copps Hill Burying Ground (Boston)

In het park The Boston Common hebben we weer een uitgebreide pauze gehouden. ’t Was toch wel even slikken toen ik daarna weer in beweging moest komen, mijn voeten protesteerden heftig. Maar ja, de oude stadswijk Beacon Hill stond nog wél prominent op ons dit-willen-we-graag-zien-lijstje, dus ik moest gewoon even flink zijn. En ik ben blij dat ik heb doorgezet want Beacon Hill was ontzettend de moeite waard. Wat een sfeervolle straatjes en prachtige gevels zagen we hier, dit was echt genieten hoor. Vooral tijdens het begin van deze wandeling zagen we heel veel mooie plekjes, daarna kwamen we terecht in straten die net wat minder interessant waren. Behalve dan dat ene straatje dat we bewust tot het allerlaatst hadden bewaard. Want Acorn Street, het smalle steegje waarvan het wegdek uit heel veel kleine keien bestaat, is vooral in het donker ontzettend fotogeniek.

Gisteren hadden we al de wijze conclusie getrokken dat ons motelzoektocht-debacle niet voor herhaling vatbaar was, vandaar dat we vanuit het Red Roof Motel al een internetreservering hadden gemaakt. We reden nu dan ook in zo’n 20 minuten tijd rechtstreeks van de parkeergarage in Boston naar ons Super 8 motel in het voorstadje Watertown. ’t Was nou niet bepaald het meest chique motel van deze reis, maar voor ons was ’t goed genoeg hoor. Helaas was nu het onvermijdelijke moment aangebroken waarmee we tijdens elke vakantie worden geconfronteerd:  de auto moest helemaal leeg worden gehaald, en al onze spullen moesten over de koffers worden verdeeld. En dat is toch echt ons minst favoriete karweitje, want het betekent elke keer opnieuw dat de vakantie er weer op zit.

Old North Church (Boston)

Old North Church (Boston)

Old Boston

Old Boston

Acorn Street (Boston)

Acorn Street (Boston)

 


DAG 12 : VRIJDAG 7 OKTOBER : BOSTON – AMSTERDAM – GERWEN

Gereden:  18 mijl

Trinity Church (Boston)

Trinity Church (Boston)

Normaal gesproken hebben we op de dag dat we weer naar huis vliegen geen tijd meer om nog iets te ondernemen. Maar deze keer hadden we zowaar nog ruim een halve dag tot onze beschikking, we hoefden pas halverwege de middag op het vliegveld te zijn. We kozen ervoor om naar Copley Square te gaan, een gedeelte van Boston waar twee architectonische hoogstandjes te bewonderen zijn, de Trinity Church en de Boston Public Library.

De Trinity Church is ontworpen door de architect Henry Hobson Richardson, de eerste steen werd gelegd in 1872 en de laatste werd vijf jaar later gemetseld. De bouwstijl, die wordt gekenmerkt door het gebruik van een grof gesteente, de aanwezigheid van zware bogen en massieve torens, en zeker ook door de keuze voor opvallende kleurcombinaties, was voor die tijd heel uniek. Zo uniek, dat die zelfs een eigen naam heeft gekregen, de Richardsons Romanesque. De kerk staat al sinds 1885 onafgebroken vermeld op de lijst “The Ten Most Significant Buildings in the USA” die is samengesteld door de American Institute of Architects. Reden genoeg dus om dit gebouw eens met eigen ogen te gaan bekijken.

We parkeerden de auto in een peperdure parkeergarage, en een paar minuten later stonden we bij de Trinity Church. Nu heb ik absoluut geen verstand van architectuur (de informatie hierboven heb ik dan ook even van Wikipedia geleend), maar ook als leek zag ik best dat dit een heel bijzonder gebouw was. Eerst hebben een rondje buitenom gemaakt, daarna wilden we ook binnen een kijkje gaan nemen. Wat bleek, we mochten niet zomaar doorlopen. In de binnenkomsthal zat een vrouw achter een tafel, zij vertelde dat we eerst naar de Gift Shop moesten gaan om tourkaartjes te kopen. Ze wees daarbij naar een deur aan de linkerzijde van de hal. We vonden het wel wat vreemd…. een gift shop in een kerk??, maar okay…. we zijn maar netjes de aangewezen richting ingegaan. ’t Was nog even zoeken, moesten we hier nu via die trap naar beneden?, maar uiteindelijk kwamen we dan toch in de gift shop terecht. ’t Leek Disneyland wel, daar word je na elke attractie ook altijd door de gift shop heengeloodst. Nadat we onze entreekaartjes hadden gekocht – voor 7 dollar per persoon – mochten we weer via de trap terug naar boven. Daar zagen we dat wij niet de enigen waren die de binnenkomst maar wat vreemd en onduidelijk vonden, boven aan de trap stond ook een ander stel zoekend om zich heen te kijken.

De kerk heeft twee orgels, die zijn samen goed voor zo’n 7.000 orgelpijpen.  Het kleinste van de twee orgels, voor in de kerk, werd op het moment dat wij naar binnen gingen net bespeeld. Ik vroeg me wel af wat die organist nou eigenlijk aan het doen was…. was dit kerkmuziek? ’t Klonk in elk geval niet zo, het geluid dat hij produceerde deed mij meer denken aan de achtergrondmuziek die je wel eens hoort tijdens zo’n hele oude Dracula- of Frankensteinfilm. Hard, dreigend, weinig melodieus. ’t Zal duidelijk zijn, echt gecharmeerd was ik er niet van. Ik probeerde de herrie maar zoveel mogelijk te negeren, en me te concentreren op datgene waarvoor we gekomen waren: het fotograferen van het interieur van de kerk. De glas-in-lood-ramen, de rijk bewerkte muren en plafonds, de orgelpijpen, er was meer dan genoeg te zien.

Wat was ik blij toen de organist er na korte tijd mee ophield. En wat baalde ik toen hij een paar minuten later werd vervangen door een andere organist…… die was nog veel erger dan die eerste man. Hij was aan het experimenteren, eerst heel zacht spelen en dan ineens een aantal onsamenhangende tonen met vol volume er overheen. Het sneed dwars door mijn hoofd heen….. ik kon totaal niet meer genieten van de mooie architectuur van de kerk. Ik zag andere bezoekers die, net zoals ik, hun handen voor hun oren hielden…. nee dit was echt niet leuk meer. Ik ben, letterlijk, de kerk uitgevlucht. Bij de vrouw in de binnenkomsthal heb ik mijn beklag gedaan, maar zij reageerde erg onverschillig. Er zou deze dag een orgelconcert worden gegeven, geen kerkmuziek maar contemporary, zo legde ze uit. De organisten moesten de gelegenheid hebben om te repeteren, dat de bezoekers daar last van hadden, tja, dat was dan jammer. Hans kon de herrie beter verdragen dan ik, hij is dan ook nog een tijdje binnen gebleven. Maar voor hem was ’t ook niet leuk zo, hij alleen binnen, ik alleen buiten…. hij is dan ook veel eerder met zijn fotosessie gestopt dan hij eigenlijk had gepland.

Trinity Church (Boston)

Trinity Church (Boston)

Old South Church (Boston)

Old South Church (Boston)

De serene rust in de Boston Public Library was een absolute verademing. Heel stilletjes zijn we de leeszaal in gelopen, compleet met fotocamera en statief, en een beetje onzeker of we hier eigenlijk wel foto’s zouden mogen maken. De leeszaal was lang en smal, aan beide zijden stonden een stuk of twaalf tafels waaraan plaats was voor ongeveer 10 mensen. Heel erg druk was ’t er niet, maar her en der zaten toch wel diverse mensen verdiept in de tekst van een boek of laptopscherm. Helemaal links zagen we een bibliothecaris zitten, aan hem hebben we gevraagd of we hier foto’s mochten maken. En ja hoor, dat mocht. Zolang we maar niemand zouden storen. Kijk, dat wilden we graag horen. We hebben ons statief uitgeklapt, en vervolgens hebben we ons uiterste best gedaan om de sfeer van deze mooie zaal vast te leggen. En (een beetje opscheppen mag toch wel, hè?), we vinden zelf dat dat heel goed gelukt is!

Boston Public Library

Boston Public Library

We hebben nog enkele andere ruimtes in het gebouw bekeken, en ook de binnenplaats. Mooi, maar de leeszaal was toch wel duidelijk onze favoriet hier. Vervolgens hebben we de omgeving van Copley Square nog wat verder verkend, er waren nog twee kerken die er veelbelovend uitzagen maar helaas werd de eerste net gerenoveerd – jammer van de steigers op de foto’s  – en de tweede kerk was gesloten. Wat we vooral heel mooi vonden, net zoals gisteren, dat waren de oude steegjes en de gevels met brandtrappen. En we hebben hier ook meteen afgeleerd om te klagen over het feit dat het thuis soms zo moeilijk is om met de auto de straat uit te komen (als gevolg van foutparkeerders die maar heel weinig ruimte overlaten). Want de bewoners hier moeten echt flink wat manoeuvres uitvoeren om hun auto te kunnen parkeren, in allerlei smalle hoekjes en gaatjes. En zomaar weer wegrijden is vervolgens helemaal onmogelijk, want er worden gewoon twee of drie andere auto’s vóór zo’n piepklein parkeerplaatsje neergezet. Hmmm, over parkeren gesproken, onze Chevrolet stond nog steeds een extreem dure parkeerplek in beslag te nemen, het werd toch wel tijd om ‘m weer eens op te halen. Maar liefst vier-en-dertig dollar, ja, je leest het goed….. vier-en-dertig dollar (!) moesten we betalen voor dit ene ochtendje parkeren. De volgende keer toch maar weer vooraf op internet de tarieven checken, zoals we in Washington DC hadden gedaan.

Maar ja, er kwam geen volgende keer, we hadden geen parkeerplaats meer nodig. Want helaas werd dit onze laatste rit van deze vakantie, we moesten naar het vliegveld. Probleempje, onze TomTom kreeg maar geen satellietverbinding en we hadden echt geen idee welke richting we in moesten. Stil blijven staan in het drukke verkeer was geen optie, dus we zijn zomaar, helemaal willekeurig, gaan rijden. In de hoop dat of TomTom snel wakker zou worden, of dat we Logan International Airport ergens op de borden zouden zien staan. We hadden al snel door dat we helemaal de verkeerde kant op gingen, we zaten op een tolweg die de stad uitging. Bij de eerste de beste afslag zijn we van de snelweg af gegaan (1 dollar tol betalen) en er aan de andere kant weer opgegaan (weer 1 dollar tol betalen). En ja hoor, op gegeven moment zagen we dan toch een bordje waarop het vliegveld stond vermeld en schoot ook Tommie ons zowaar weer te hulp. ’t Viel ons wel op dat er zoveel tunnels in Boston liggen, lange tunnels, met afslagen er in. Moesten we toch nog zelf goed opletten hoe we reden, want in zo’n tunnel hield TomTom er uiteraard ook weer even mee op.

Uiteindelijk zijn we dan toch op het vliegveld aangekomen. Daar hebben we afscheid genomen van onze Chevrolet, en met de shuttlebus zijn we naar de vertrekhal gegaan. Voor de gebruikelijke incheck-, koffers inleveren-, en veiligheidsprocedures. ’t Viel ons op dat het personeel hier op de luchthaven er zo gemoedelijk bij stond, veel vriendelijker en meer open dan op andere luchthavens, zo was onze indruk. Bij de security check plaatste ik eerst een bakje met onze schoenen, riem, horloge ed. op de band, in een tweede bakje kwam de laptoptas en Hans kwam achter mij aan met de fototas. Even later was ik alweer bezig met het verzamelen van de losse spullen, toen ik de security officer hoorde vragen: “Whose computerbag is this?” Even een seconde verwarring, had hij het nou over onze laptoptas? En toen besefte ik wat er aan de hand was…… ons broodmes…… dat hadden we in Franconia even snel in de laptoptas gestopt en daarna hadden we er helemaal niet meer aan gedacht!

Boston Public Library

Boston Public Library

Boston Public Library

Boston Public Library

old Boston

Old Boston

Ik meldde me als eigenaar van de laptoptas bij de security guard, en hij vroeg me of er een mes in de tas zat. Waarop ik alleen maar heel beschaamd bevestigend kon antwoorden. Of er nog meer scherpe of gevaarlijke voorwerpen in de tas zaten, wilde hij weten. Nee hoor, dat niet. Uiteraard werd de tas aan een minutieus onderzoek onderworpen, het mes werd eruit gehaald en daarna ging de tas nog een keer door de scanner. Ik had geen idee wat me nu verder te wachten stond, in gedachten zag ik mezelf al in aparte ruimte zitten waarbij ik aan de meest indringende verhoren zou worden onderworpen. De security guard riep er iemand bij, een vrouwelijke beambte, en hij had het over the full package. Ja hoor, daar had je ’t al…..

Maar het viel reuze mee, allemaal. Ja, ik moest inderdaad wat vragen beantwoorden. Maar niet in een aparte ruimte, gewoon ergens in een hoekje bij de security check. Gelukkig maar, zo hielden Hans en ik elkaar ook in het oog, het is toch wel prettig als je van elkaar weet waar je uithangt. Ik legde uit wat er gebeurd was, en het was meteen al duidelijk dat de vrouw mij geloofde. Ze was heel vriendelijk, ze bood zelfs aan om het mes weer in de laptoptas te doen en de tas daarna als ruimbagage in te laten checken. Maar dat vond ik niet zo’n goed idee, we houden de laptop toch maar liever bij ons. Tja, dat betekende dan wel dat we ons mes in moesten leveren. Nadat het mes in een speciale afvalbak was verdwenen, mocht ik gaan. ’t Laatste wat de vrouw tegen me zei was “Dank u wel”, ja hoor, in het Nederlands! Nou, een ding was zeker, onze indruk dat de mensen hier in Boston heel vriendelijk zijn was helemaal correct.

En wat ook leuk is aan Logan International Airport: ze hebben er gratis internet. Dus kon Hans meteen even in geuren en kleuren aan onze Rob vertellen wat een gevaarlijke moeder hij heeft, eentje die zomaar met een scherp mes een vliegtuig in wil stappen! Daarna nog een hapje eten, en toen werd het langzamerhand tijd om naar de gate te gaan. De rest van onze reis terug naar huis verliep zonder verdere strubbelingen, voor ons heel fijn natuurlijk alleen voor het reisverslag wat lastiger, want ik zou dus niet weten wat ik daar verder nog over moet schrijven. Ik zal dus maar meteen verder gaan met het “Tot Besluit”-stukje. Even samenvatten hoe we terugkijken op deze vakantie.


TOT BESLUIT

We hebben best wel wat vragende reacties gehad toen we aankondigden dat we naar het noordoosten van de USA zouden gaan. Da’s toch niks voor jullie, kregen we te horen, geen rotsen…. geen stof…. Maar het was een heel bewuste keuze hoor, we wilden graag ook eens een ander stukje Amerika meemaken. Gewoon, eens kijken hoe ons dat zou bevallen. En nu we er daadwerkelijk zijn geweest, kunnen we dus zeggen dat we ook van deze vakantie hebben genoten. Het was vooral erg leuk om eens totaal andere foto’s te kunnen maken, van Washington DC bijvoorbeeld, van Arlington Cemetery en van Mount Hope Cemetery. En we hebben ook hele mooie stukjes natuur gezien, met Watkins Glen als absolute topper en Flume Gorge als goede tweede. De rit door Amish County en de zoektocht naar de covered bridges, dat was allebei nog leuker dan ik vooraf had verwacht. De enige tegenvaller was de Fall Foliage, daarvan hadden we ons toch wel wat meer voorgesteld. Maar, ook al hebben we het prima naar onze zin gehad hier, het zuidwesten blijft toch wel echt onze favoriet. We hopen dan ook volgend jaar weer een reisverslag te kunnen gaan schrijven…. en daarbij zal de staat Utah opnieuw de hoofdrol krijgen!